Door: Cees Renckens en Nico Terpstra | Geplaatst: 28 juli 2016

ZonMw, een hardleerse organisatie

De Vereniging tegen de Kwakzalverij (VtdK) en financieringsinstantie ZonMw hebben op 12 mei 2016 een invitational conference georganiseerd.

ZonMw, een hardleerse organisatie

Het onderwerp was de zin en onzin van onderzoek naar alternatieve behandelmethoden. Een bijeenkomst die er overigens bijna niet was geweest. Door een ultieme vorm van zelfbeheersing heeft de VtdK er echter knarsetandend mee ingestemd om die middag niet de verwerpelijke daden van ZonMw (waarover later meer) centraal te stellen maar om te proberen binnen een breder kader de beheerders van de ruif waaruit wetenschappelijk Nederland eet op andere gedachten te brengen. Of dat gelukt is kunt u lezen in het officiële verslag dat onder verantwoordelijkheid van ZonMw is gemaakt.

De verzoenende toon waarop was ingezet, schoot professor Piet Borst in ieder geval in het verkeerde keelgat. Onder de samenvattende kop “Geklets over kwakgeld” vat Borst in zijn laatste column half juni in NRC in enkele zinnen niet alleen het waarom samen van de discussiebijeenkomst maar schrijft hij ook nog eens de uitkomst op, in de vorm van een snelle kop. Borst: “De medische afdeling van NWO, ZonMW heeft een zwak voor alternatieve geneeswijzen en wil het onderzoek op het grensgebied tussen regulier en alternatief gaan bevorderen. Daartoe heeft dit boegbeeld van de Nederlandse medische wetenschap de afgelopen jaren twee notities uitgebracht. Helaas hadden de kwakdokters daar flink aan meegeschreven en het resultaat was wetenschappelijk ver onder de maat en een blamage voor NWO”, legt Borst uit in zijn column uit.

Het is pijnlijk te moeten vaststellen dat ZonMw een eigen agenda heeft om alternatieve geneeskunde aan de man te brengen. Reeds in 2006 kreeg deze organisatie de Meester Kackadorisprijs van de VtdK vanwege het absurde idee om veel geld beschikbaar te stellen (€ 190.000) om vijf acupuncturisten, vijf homeopaten en vijf natuurartsen een stoomcursus wetenschappelijk onderzoeker te laten volgen op het onderzoeksinstituut EMGO van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Het was daarna een tijdje stil daar bij ZonMw tot in 2014 het “Signalement Ontwikkeling en implementatie van evidence-based complementaire zorg” verscheen, een observatie die het levenslicht zag onder voorzitterschap van prof. Pauline Meurs (PDF).

De medisch-wetenschappelijk wereld reageerde niet, vermoedelijk omdat niemand het werkje gelezen had. De VtdK nam er wel kennis van en ontstak in grote woede omdat serieuze onderzoekers door ZonMw dreigden te worden gekort teneinde kwakzalvers in staat te stellen hun onzinnige stokpaardjes te berijden. Ook ZonMw kan per slot van rekening een dubbeltje maar een keer uitgeven.

ZonMw liet zich bij deze beslissingen bijstaan door notoire kwakzalvers zoals Martine Busch van het Utrechtse Van Praag-instituut die met haar handen ‘energievelden’ kan corrigeren. Het was een heldere indicatie dat ZonMw van zijn ankers was geslagen en stuurloos ronddreef. Van haar voorzitter Meurs mocht resoluut ingrijpen of beter luisteren naar echte wetenschappers worden verwacht, maar niks van dit alles. De Meester Kackadorisprijs die toenmalig ZonMw-voorzitster Meurs in 2014 werd toegekend, kwam voor insiders dan ook niet als verrassing.

Ze kreeg deze omdat zij met haar bestuur (waarin o.m. Marcel Levi, die overigens net als Meurs niet was komen opdagen op de invitational conference) de pro-alternatieve koers van haar directie niet heeft tegengehouden. Enkele observaties over de pro-alternatieve agenda van ZonMw zoals die in april 2014 werden neergelegd in bovengenoemd Signalement:

Signalement Ontwikkeling en implementatie van evidence-based complementaire zorg. Aan dit rapport werd uitsluitend meegewerkt door een aantal notoir pro-alternatief denkende figuren, terwijl ook een paranormaal genezeres bijdroeg. Het Signalement bevat daardoor talloze onjuistheden, laat een schrijnend gebrek aan kennis zien, selecteerde in het overzicht van de literatuur uitsluitend in hun agenda passende referenties en geen enkel uit de meer sceptische literatuur en demonstreerde daarmee een unverfroren pro-alternatieve basishouding. Het rapport eindigt als volgt: “In dit signalement wordt aanbevolen om te investeren in goed onderzoek. Niet als doel op zich, maar om breed inzicht te krijgen in de evidence voor complementaire zorg”. De commissie zag over het hoofd dat aan dergelijk onderzoek in binnen- en buitenland al honderden miljoenen euro’s en dollars besteed zijn en dat er nooit iets uit gekomen is. Het is in feite een oproep tot verdere geldverspilling in de zorg.

 

De Vereniging tegen de Kwakzalverij geeft haar jaarlijkse Kackadorisprijs aan kwakzalverij-bevorderende instanties of personen waarvan in de rede nog inkeer verwacht mag worden. Weliswaar is Meurs geen medicus, maar van een hoogleraar zou toch wel enig gezond verstand en een stevige wetenschappelijke denkwijze mogen worden verwacht. De compromisbereidheid, die ras-bestuurders als Meurs vaak kenmerkt, hoort in de wetenschap juist niet thuis. Dus toen ZonMw, na de toekenning van de VtdK- prijs aan Meurs, toenadering zocht om de ‘kou uit de lucht te halen’ dacht het bestuur van de VtdK er goed aan te doen om een wat vriendelijker toon aan te slaan en een gezamenlijke bijeenkomst te helpen organiseren, hetgeen uiteindelijk de invitational conference met de werktitel “Niet (meer) doen” opleverde. Zo’n dialoog is een gewenst effect van de Meester Kackadorisprijs omdat de prijs wordt toegekend aan personen met wie een dialoog mogelijk wordt geacht en die in principe voor rede vatbaar lijken.

En dus werden de nodige discussies gevoerd tussen ZonMw en de VtdK over de invulling van zo’n discussiebijeenkomst. Tijdens dit proces lanceerde ZonMw plotseling het bizarre voorstel om een door kwakzalvers gedomineerd ‘consortium’ in het leven te roepen om hun onderzoeksplannen naar alternatieve geneeskunde vorm te geven. Het was toen niet eenvoudig enkele geïrriteerde VtdK-bestuursleden in het gareel te houden. Binnen het bestuur van de VtdK zagen enkelen deze eenzijdige – de prille samenwerking in een schril daglicht zettende – faux-pas van ZonMw als een daad van sabotage. Het demonstreerde opnieuw hoe moeilijk het is om een club serieus te nemen die enerzijds wetenschap hoog in het vaandel heeft maar tegelijk ruim baan geeft aan malligheid beoefenende kwakzalvers. Even werd overwogen de voorbereidingen van de conferentie af te breken. De VtdK heeft zich echter ingehouden.

Op weg naar een Consortium Complementaire zorg? Als voortvloeisel van de aanbevelingen uit voornoemd Signalement (2014) stelde ZonMw een ‘Stuurgroep Implementatie van Evidence-based complementaire zorg’ in, die in november 2015 met haar Adviesrapport kwam. De kosten die de stuurgroep had gemaakt bedroegen € 23.900,- en zij bestond uit Ruud Hopstaken, voorzitter, de al eerder genoemde strijkster Martine Busch, secretaris, en leden Hans Jeekel, Jan Smit en Hans Kerkkamp. Ook in deze ZonMw-publicatie werd geen melding gemaakt van het treurig stemmende resultaat van de plm. twee miljard dollar, die in de afgelopen twee decennia in de VS zijn uitgegeven aan effectiviteitsonderzoek van alternatieve geneeswijzen. Ook het negatief uitgevallen Nederlandse onderzoek uit de jaren 80 wordt verzwegen. Het rapport bepleit oprichting van een stevige infrastructuur ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek van alternatieve geneeswijzen – in een zgn. consortium – en die zou academisch ingebed moeten zijn, terwijl er ook een leerstoel complementaire geneeskunde zou moeten komen. Net als in het Rapport-Muntendam uit 1980 bepleit de stuurgroep een methodologische uitzonderingspositie voor alternatieve geneeswijzen, daarmee opnieuw blijk gevend van een gebrek aan kennis van de voorgeschiedenis van het huidige debat. De Gezondheidsraad publiceerde immers al in 1993 haar Rapport Wetenschappelijk Onderzoek & Alternatieve Behandelwijzen, waarin een dergelijke uitzonderingspositie werd afgewezen: ZonMw is als de bestuurder die komt vergaderen, maar helaas de notulen van de vorige vergadering niet heeft gelezen. En dus liet ZonMw op 20 januari 2016 in een persbericht weten alle aanbevelingen van het rapport over te nemen en stelde met grote voortvarendheid een nieuwe werkgroep in, die het Consortium moet helpen oprichten.

 

Wat is nu het eindresultaat van al deze inspanningen, van de discussiemiddag die uiteindelijk half mei toch werd gehouden? De gemeenschappelijk gedragen conclusie van ZonMw en VtdK, dat er bij toekomstig wetenschappelijk onderzoek altijd eerst toetsing op plausibiliteit c.q. geloofwaardigheid (‘tijdens de conferentie ‘credibility’ geheten) moet plaatsvinden, kan nu in de praktijk van ZonMw gecontroleerd worden. Als die conclusie daadwerkelijk door ZonMw wordt onderschreven dan dient zij het echter het streven naar een Consortium Complementaire Zorg te staken en kan de werkgroep die daarmee bezig is per direct worden opgeheven. Dergelijk goed nieuws heeft ons echter vanuit ZonMw niet bereikt hetgeen ons brengt tot de slotsom dat men aldaar de ‘credibility’ van zaken als homeopathie, acupunctuur, kruidengeneeskunde en ‘therapeutic touch’ nog altijd hoog aanslaat. Een mens grijpt naar zijn hoofd.

Cees Renckens en Nico Terpstra

Gerelateerde artikelen

tijdschrift - 11 oktober 2019

Relatief recente cijfers onderstrepen het al lang levende idee dat Nederlanders zuinige gebruikers van kwakzalverij zijn.

artikelen - 20 augustus 2019

De muziektherapie waarmee emeritushoogleraar Hans Jeekel alle pers haalde, blijkt voornamelijk gebaseerd op ‘biased’ studies.

tijdschrift - 15 juli 2019

Catherine de Jong bezocht het symposium Leefstijlgeneeskunde IV, stressmanagement, zingeving en spiritualiteit. Een verslag.