Uitspraak Raad van State blijkt pyrrusoverwinning voor de homeopathie

Het CBG gaat elke indicatie verbieden voor artikel 6-middelen waarop geen waarschuwing over onwetenschappelijkheid staat vermeld.
Door: C.N.M. Renckens | Geplaatst: 17 jan 2005

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen dat, zoals wij eerder berichtten (zie persbericht), door de Raad van State in het ongelijk werd gesteld inzake de door het CBG verplicht gestelde etiketten op homeopathica met een goedgekeurde indicatie, heeft zijn nieuwe gedragslijn met betrekking tot deze middelen op 13 januari 2005 bekendgemaakt. Voortaan wordt het fabrikanten, die de etiketten niet meer willen aanbrengen op de door hen geregistreerde artikel 6 middelen, verboden nog enige indicatie te vermelden.

De homeopathica-producenten hebben onder aanvoering van VSM hun hand overspeeld. Er resten hun nu nog twee mogelijkheden: ze kunnen de etiketten 'vrijwillig' blijven aanbrengen óf ze mogen op hun Aconitum D6, SRL gelei, Famosan, Echinaforce en dergelijke geen indicatie meer vermelden. Als ze voor de laatste mogelijkheid kiezen moeten de leek en de drogist maar raden wat er moet worden afgeleverd.

Gezien de ontbrekende werkzaamheid van de betreffende middelen lijdt de volksgezondheid door deze nieuwe regel geen enkele schade. Of dat ook voor de omzet van deze middelen zal gelden, dat lijkt ons minder zeker.

Bron:  CBG past beoordeling homeopathische indicaties aan

Naschrift juli 2010

Zie voor een lijst van andere artikelen over de registraie van homeopatrhische middelen: Homeopathie 4: registratie van homeopathische middelen

 

Nieuwsbrief

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.

Lees ook