Door: C.N.M. Renckens | Geplaatst: 30 april 2003

Rechter gelast Staat tot gedogen antroposofica.

De voorzieningenrechter in kort geding mr. H.F.M. Hofhuis te Den Haag heeft op 15 april bepaald dat artikel 3. lid 4 van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening niet mag worden toegepast totdat de uitkomst van een bodemprocedure tussen de Staat en de verzamelde antroposofische fabrikanten en artsen/patiënten bekend is. Een rechter, vonnis wijzend in kort […]

De voorzieningenrechter in kort geding mr. H.F.M. Hofhuis te Den Haag heeft op 15 april bepaald dat artikel 3. lid 4 van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening niet mag worden toegepast totdat de uitkomst van een bodemprocedure tussen de Staat en de verzamelde antroposofische fabrikanten en artsen/patiënten bekend is. Een rechter, vonnis wijzend in kort geding, heeft zich hierbij op de stoel van de wetgever geplaatst, een zeer ongewone gang van zaken.

Na de inwerkingtreding van de regeling tot registratie van homeopathica was er voor de niet-verdunde antroposofica geen ruimte meer en minister De Geus was voornemens de wet te gaan handhaven. Dat is hem nu onmogelijk gemaakt met als argument o.a. dat de middelen elders in Europa wel verkrijgbaar zijn en dat er in 80 jaar (van onverdiende voorkeursbehandeling!) geen ongelukken met de middelen zijn gerapporteerd. De rechter heeft zijn uitspraak beperkt tot die middelen die door antroposofische artsen worden voorgeschreven.

De antroposofische geneeskunde heeft bij sommigen een imago van zachtzinnigheid, maar dat is maar ten dele juist. Men is er dol op injecties, vaak meerdere malen per week, bijvoorbeeld bij de ‘aanvullende behandeling’ van kanker: mierenzuur en vooral de maretak (Iscador). Valse hoop, aanzienlijke kosten en pijnlijke infiltraten (=ontstekingsreacties) op de plaats van de injecties en koorts treden frequent op. De werkzaamheid van die middelen is nimmer aangetoond – de antroposofen spraken in de rechtszaal van ‘ervaringsgeneeskunde’ – en welk volksgezondheidsbelang hier wordt gediend is volstrekt onduidelijk. Ons lijkt hier sprake van een ernstige rechterlijke dwaling. Misschien kan de SP de minister van Justitie hierover interpelleren. Alle andere politieke partijen steunden eerder de antroposofen, alsof we nog in de jaren ’80 en ’90 leven, toen de antroposofica samen met de homeopathie gewoon in het ziekenfondspakket zaten. Aan die toestand werd in 1993 een eind gemaakt.

Nieuwsbrief

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.

 

 

 

C.N.M. Renckens

Profiel: (1946) Hij studeerde geneeskunde aan de RUG en behaalde het artsdiploma in 1971. Na werkzaam te zijn geweest als tropenarts in Zambia volgde zijn specialisatie tot vrouwenarts. In die kwaliteit is hij sinds 1980 verbonden aan het Westfries Gasthuis te Hoorn. Sinds 1988 bekleedt hij het voorzitterschap van de Vereniging tegen de Kwakzalverij. Hij is auteur van vele publikaties op het gebied van kwakzalverij en alternatieve geneeswijzen, zowel in de lekenpers als in de professionele pers. Van zijn hand verschenen vier boeken: ‘Hedendaagse kwakzalverij’ (1992), ‘Kwakzalvers op kaliloog’ (2000), ‘Genezen is het woord niet. Biografische schetsen van de twintigste meest notoire genezers van de twintigste eeuw’ (2001) en zijn in handelseditie verschenen dissertatie ’Dwaalwegen in de geneeskunde. Over alternatieve geneeswijzen, modeziekten en kwakzalverij’ (2004). In 2006 werd hij wegens zijn verdiensten voor de kwakzalverijbestrijding benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Gerelateerde artikelen

tijdschrift - 14 augustus 2021

Over Désanne van Brederode die in #nietmijnantroposofie opvoert dat corona antroposofen in extreemrechtse armen drijft.

page - 14 augustus 2021

Over Désanne van Brederode die in #nietmijnantroposofie opvoert dat corona antroposofen in extreemrechtse armen drijft.

artikelen - 16 juli 2019

Het Louis Bolk Instituut slaat haar tentakels uit door allerlei alternatieve behandelmethoden te promoten met hulp van o.m. universiteiten.