Door: C.N.M. Renckens | Geplaatst: 30 december 2007

IGZ blameert zich met aanpak Integraal Medisch Centrum Maria Magdalena in Roosendaal

De IGZ legt het handelen van een mediamieke, orthomoleculaire therapeute voor aan het Tuchtcollege van de Maatschappij ter Bevordering van de Orthomoleculaire Geneeskunde (MBOG).

Nadat de IGZ in haar jaarverslag over 2006 het woord kwakzalverij niet eens meer noemde en na haar teleurstellende reactie op het seponeren van de door haar zelf gedane aangifte tegen de alternatieve behandelaars van wijlen Millecam najaar 2007, leek de IGZ zich begin december 2007 te rehabiliteren met haar aanpak van een ouderwets kwakzalvershol. In Roosendaal waar de gestoorde Belgische arts Patrick van Eeghem (ook werkzaam in Kortrijk) de mediamieke orthomoleculaire therapeute Carine Bolijn een fraai pand deelden met shiatsutherapeuten, voetzoolreflexologen, een psycholoog en een acupuncturist speelden zich inderdaad afschuwelijke kwakzalverijen af. Zo werden er kankerpatiënten financieel uitgekleed (hoge bedragen betalen zonder factuur), ‘behandeld’ tegen kanker met infusen, kosmische operaties en goddelijke instraling alsmede via orthomoleculaire voedingsadviezen. Diagnostiek vond onder andere plaats met wichelroedes. De IGZ verrichtte een grondig onderzoek en publiceerde begin december 2007 een gedegen rapport over de zaak en deed aangifte tegen de arts en de orthomoleculaire therapeute bij het OM, maar ook bij het regionaal medisch tuchtcollege tegen de arts en – en nu komt het – bij het Tuchtcollege van de Maatschappij ter bevordering van de Orthomoleculaire Geneeskunde (MBOG) tegen Bolijn. Als door een adder gebeten schrapte dit laatste ’tuchtcollege’ Bolijn met onmiddellijke ingang en liet weten dat na de zitting bezien zou worden of zij weer in het register erkende MBOG-leden kan worden toegelaten.

De IGZ, die een klacht indient bij het tuchtcollege van de MBOG: dat zal toch wel als een misplaatste grap zijn bedoeld? Maar, nee hoor: het persbericht van de IGZ kopte in alle ernst: ‘Tuchtzaken en aangifte tegen arts en therapeute’. En op pagina 6 lezen wij: ‘Op basis van het onder 2.2 genoemde punt 2 legt de inspectie het handelen van de therapeute voor aan het Tuchtcollege van de Maatschappij ter Bevordering van de Orthomoleculaire Geneeskunde’. De champagnekurken zullen bij de MBOG, opgericht door Gert ‘ortho’ Schuitemaker, wel tegen de plafonds zijn gevlogen: zoveel erkenning door een officiële overheidsinstelling, dat had men daar natuurlijk nimmer voor mogelijk gehouden.

En die tuchtzaak wordt nog reuze spannend, want dit zegt de MBOG-website zelf over haar werkwijze: ‘Soms is het raadzaam te onderzoeken of er een tekort of een overmaat van bepaalde stoffen in het lichaam aanwezig zijn. Dit kan in bloed of urine gemeten worden. Er zijn ook artsen en therapeuten die andere soorten testen als onderzoekmethode toepassen, zoals bijvoorbeeld kinesiologie of de VEGA-test.’ Waarom zouden die laatste methoden eigenlijk wel deugen en de wichelroede niet? Een MBOG-’tuchtcollege’ dat Bolijn gaat veroordelen is toch geen haar beter dan dat tuchtcollege van de Alliantie van Alternatieve Genezers, dat ooit een iriscopist veroordeelde omdat hij een buikabces bij een vrouw met de ziekte van Crohn had ‘gemist’: te gek voor woorden dus. Wij zouden eerder verwachten dat de IGZ tegen het hele MBOG-tuchtcollege aangifte zou doen, dan dat het zijn oordeel ook maar in de verste verte serieus zou nemen. Wie is hier nu gek?

 

Nieuwsbrief

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.

C.N.M. Renckens

Profiel: (1946) Hij studeerde geneeskunde aan de RUG en behaalde het artsdiploma in 1971. Na werkzaam te zijn geweest als tropenarts in Zambia volgde zijn specialisatie tot vrouwenarts. In die kwaliteit is hij sinds 1980 verbonden aan het Westfries Gasthuis te Hoorn. Sinds 1988 bekleedt hij het voorzitterschap van de Vereniging tegen de Kwakzalverij. Hij is auteur van vele publikaties op het gebied van kwakzalverij en alternatieve geneeswijzen, zowel in de lekenpers als in de professionele pers. Van zijn hand verschenen vier boeken: ‘Hedendaagse kwakzalverij’ (1992), ‘Kwakzalvers op kaliloog’ (2000), ‘Genezen is het woord niet. Biografische schetsen van de twintigste meest notoire genezers van de twintigste eeuw’ (2001) en zijn in handelseditie verschenen dissertatie ’Dwaalwegen in de geneeskunde. Over alternatieve geneeswijzen, modeziekten en kwakzalverij’ (2004). In 2006 werd hij wegens zijn verdiensten voor de kwakzalverijbestrijding benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Gerelateerde artikelen

artikelen - 18 april 2022

Orthomoleculair supplementenbedrijf Vitakruid geeft slikadviezen die nergens op zijn gebaseerd.

artikelen - 27 februari 2022

Buitenlandrubriek met o.a.: Na sociale mediaverboden zoeken antivaxxers contact via podcasts.

artikelen - 26 oktober 2021

Buitenlandrubriek met o.a.: Waarom Duitsers zo van homeopathie houden / Aromatherapie-spray besmet Amerikanen met tropische ziekte.