Door: Frits van Dam | Geplaatst: 27 oktober 2007

Sickesz in haar eigen woorden

Zondagnacht 5 augustus 2007 was in het RVU-radioprogramma Simek ’s nachts een interview met mevrouw M. Sickesz te horen.

Simeks programma is interessant omdat de interviewer de geïnterviewde uitgebreid aan het woord laat zonder al te veel lastige vragen te stellen. Integendeel, Simek streelt het ego van de geïnterviewde zoveel als hij kan waardoor deze zich vrijelijk uit. Hieronder volgt een ruime selectie uit het interview opdat u zich een goed beeld kunt vormen van het gedachtegoed van mevrouw Sickesz. Het interview is te beluisteren via: http://www.rvu.nl/gids.php?medium=radio. Bij elk fragment is op een tijdbalk aangegeven waar het te vinden is.

Simek vraagt aan Sickesz zich te introduceren bij de luisteraar die wat later heeft ingeschakeld. Zij doet dit als volgt: ‘Ik ben Mayita Sickesz, ik ben arts en ik ben de uitvindster van de orthomanuele geneeskunde. Heeft u klachten die niet in het ziekenhuis kunnen worden opgelost, dan moet u zich in verbinding stellen met een orthomanueel therapeut. Dan kunt u kijken of die het wel kan’. (29.12)

Over haar achtergrond en de rol van de mystiek in haar leven

‘Ik heb heel veel energie. En dat krijgt je als je in harmonie bent met jezelf. Ik heb een zuiver en rein geweten, ik ben in harmonie met mezelf. Ik mediteer heel veel. Dus mijn boek Bewust Zijn is daar de weerslag van’.(16.19) ‘Ja, in wezen ben ik een mystica. Ik heb de unio mystica beleefd op mijn achttiende jaar. En dat is heel vroeg. Omdat ik ook al in mijn gymnasiumtijd heel veel boeken over geestelijke onderwerpen las. De Rozenkruiserskosmologie, Blavatsky, al dat soort boeken las ik. En het merkwaardige is dat ik het gevoel had, dat is heel gek, dat ik innerlijk het gevoel had van sommige dingen dat ik innerlijk wist of het waar of niet waar was. Dat is heel typisch, heel vreemd’. (18.30)

‘In het boek Bewust Zijn, eigenlijk leg ik daar al deze geestelijke dingen uit in wetenschappelijke termen. Ik moet altijd wel lachen als ik bij de EO kijk, dan hebben ze het allemaal over geloof. God is niet een kwestie van geloven, God is een kwestie van definitie. Nou deze definitie van God is dus de totaal van in de kosmos aanwezige energie, geopenbaard of ongeopenbaard, plus de deze energie beheersende wetten. Dus alles is God. Dat komt aardig overeen met zoals ze er in de Koran over spreken. Dus alles is God. Dit is god, de tafel, de energie van die tafel dat is materie en dat is een vorm van energie. E=mc-kwadraat weet u wel, van Einstein. Materie is een onderdeel van de kosmos. Wij zijn allemaal een onderdeel van de kosmos, en de kosmos in wezen is een eenheid. Dus alles is een eenheid, zelfs jij en ik zijn een in een hoger bewustzijn’. (19.18)

Over het ontstaan van de orthomanuele geneeskunde

‘Wel ik was niet erg gelukkig met wat ik als arts geleerd had. Je zag bijvoorbeeld, als je in de neurologie zit, dan moet je daar rondlopen in een ziekenhuis met allemaal neurologische patiënten. En die lagen daar letterlijk dood te gaan en niemand deed daar iets aan want ze wisten de oorzaak niet. Dat waren hele ernstige zenuwziektes waar ze niets aan konden doen. En daar voelde ik me ook al niet lekker bij. Ik was destijds ook bij professor Groen voor interne geneeskunde, dat is meer een verband tussen interne en de psychiatrische richting, psychosomatische geneeskunde. En dat sprak me wel wat aan, ik ben toen zelf als arts begonnen en ja het beviel me niet heel erg. Toen kwam er een zekere Van der Bijl en dat was een fysiotherapeut, een manueel therapeut, en die kwam bij me en die vertelde dat hij bezig was met manuele therapie. En toen dacht ik, hé dat is niet onlogisch. Hij was in het buitenland geweest en had in Duitsland en Frankrijk z’n opleiding gevolgd en van die combinatie had hij zijn eigen systeem gemaakt. Dat heeft hij ook aan andere fysiotherapeuten geleerd. Toen heb ik hem patiënten gestuurd en die heb ik elke drie maanden terug laten komen bij om te kijken hoe het was. Ik zag wel verbetering maar ik was er toch niet erg enthousiast over. (Dit was in de jaren zestig).

Ik kreeg toen die tijd zelf een kind en toen kreeg ik een intercostaal neuralgie (heel erge pijn tussen de ribben) en dat kon ik met kalkinjecties bijhouden, tijdens de groei van die baby krijg je daar vreselijk veel last van, dat hield ik dus vol. En toen ben ik naar die Van der Bijl gegaan, die heeft me toen behandeld. Een paar jaar later in 1965 kreeg ik mijn dochter en toen kreeg ik weer klachten. Ik kreeg toen precies diezelfde ribpijnen, alleen een paar maanden eerder, want ik was natuurlijk een paar jaar ouder. Toen dacht ik; nee, die Van der Bijl die heeft het toch niet helemaal. En ook zag ik bij mijn patiënten niet van die erge verbeteringen in de houding zoals ik dat graag zou willen zien. En toen dacht ik op een gegeven moment, toen was ik zwanger van mijn dochter in januari, ze is in juli geboren, “laat ik dat zelf eens gaan doen”. Een van de oorzaken was ook dat er een jongen bij me kwam, met een röntgenfoto bij zich en daar was niets op te zien, het was heel mooi, het zag er prachtig uit. Maar hij verrekte van de pijn, ik zei “ga zitten” en ik ging achter hem zitten en toen schrok ik me wild wat ik allemaal op die rug zag; dus in het echie zal ik maar zeggen, en waarvan niets op die röntgenfoto terug te vinden was’. (6.58)

Over de grondslagen van de orthomanuele geneeskunde

‘Er is een heel belangrijk boek in de jaren zestig uitgekomen Wirbelsäule, vegetatives Nervensystem und innere Medizin. (door W. Kunert, Stuttgart 1963, herdrukt 1978, red.) Dat gaat dus over: de mens heeft dus een wervelkolom en daarnaast loopt het vegetatieve zenuwstelsel. En dat vegetatieve zenuwstelsel bepaalt de functie van de organen, dus de ene zet de darmen aan, de andere zet de darmen stil. Maar ook de wijdte van de bloedvaten, het ene stelsel verwijdt de bloedvaten en de andere vernauwt de bloedvaten. Op die manier heb je Yin Yang zeggen ze in China, heb je een harmonie in het lichaam. Zodra die wervels fout gaan staan, wordt er voornamelijk het sympathische gedeelte, je hebt dus het sympathische en parasympathische die elkaar in evenwicht houden, langs de wervelkolom voor het grootste gedeelte het sympathische, en dat wordt dan geprikkeld en dan krijg je vaatvernauwing of stil leggen daarvan. Dat loopt helemaal door tot hoog in de nek. En waar nu de hoofdpijn boven de ogen vandaan komt dat is de eerste borstwervel en laatste nekwervel. Staan die out dan wordt er een ganglion geprikkeld dat hier op het kopje van de eerste rib ligt, dat is zo’n sympathisch ganglion, en dat geeft als reactie migraine. Maar ik moet erbij zeggen dat er een erfelijke aanleg voor moet zijn, anders krijg je het niet. Dus het is niet zo dat iedereen bij wie dat fout staat, migraine krijgt. Nee, het zijn uitsluitend mensen die daartoe genetisch (ze zullen die genen nog wel vinden) gedispenseerd zijn’. (24.12)

Over haar wijze van diagnostiek

‘Je kijkt naar de stand van de wervels of die recht staan of gekanteld, je kijkt of er in de wervels torsie is, en dat laatste kun je beter zien als de patiënt op z’n buik ligt, dat laat hij je ook doen en dan gaat hij met z’n vingers erover en dan kijk je naar de torsies van de wervels, de draaiing in de lengteas. Wij bepalen dus de stand van de wervel in het assenstelsel. Elke wervel apart, en van elke wervel wordt exact de torsies dus de draaiingen in de wervel-as opgeschreven daar hebben we figuurtjes voor waarmee we dat aangeven. (10.59)

En want dan zat ik met een patiënt voor me en allerlei dingen kwamen in ontwikkeling en opeens kreeg ik dan een soort bewustzijnsflits en dan zeg ik altijd maar dat ik toch geholpen ben door mijn helpers aan de andere kant. En dan kreeg ik een flits van zo zit het, en dan dacht ik, he allemachtig is dat zo? En kijken is het zo, is het hier zo is het bij die zo, is het bij die patiënt zo, is het daar zo? Ja, en toen had ik weer een wetmatigheid. En dan kwam ik weer verder. En zo langzaam maar zeker is het hele vak opgebouwd voor een belangrijk deel door bewustzijnsflitsen’. (23.30)

Over haar wijze van behandeling

‘Ik heb maagzweren weggemanipuleerd, vastgelegd op de röntgenfoto, twee keer heb ik dat laten vastleggen. Voor die tijd was er een bloeiende maagzweer, ik zet de zaak recht, de klachten weg en ik heb als Brugman moeten lullen om ze zover te krijgen dat ze weer die pap slikte, want daar had ze helemaal geen zin meer in, uiteraard, want ze voelde zich helemaal weer goed. Maar het is me toch gelukt, toen was er alleen maar littekenweefsel te zien, dus maagzweer weg. Hetzelfde geldt voor de darmen. Dan kom je met de colitis en de ziekte van Crohn, ook dan zet je de zaak recht, dan herstellen zich de darmen, er treedt dus herstel op. Want door de vaatvernauwing krijg je afsterven van weefsel. En ga je door naar boven dan krijg je de hersenen, dat is precies hetzelfde verhaal. Want de hersenen zijn dus ook een orgaan, en daar krijg je ook precies hetzelfde bij. Als helemaal hoog in je nek de boel daar fout zit, krijg je daardoor storingen in de doorbloeding van de hersenen’. (26.48)

Over haar wetenschappelijk onderzoek

‘Wel als je een wetenschapper bent dan onderzoek je iets voor je een oordeelt velt. Geen van deze mensen (Sickesz bedoelt hier het bestuur van de VtdK (FvD)), Renckens ook niet, is hier geweest, ze zijn niet wezen kijken wat ik doe. Het resultaat is dat ze dus bepaalde oordelen zomaar geveld hebben. Ze hebben zelfs de artikelen die ik geschreven heb, niet goed bekeken. Er zijn belangrijke artikelen verschenen en het resultaat is dat daarvan ook professoren aan meegewerkt hebben. En dat zij gezegd hebben dat dit onzin is. Ik heb een artikel geschreven dat gaat over de relatie/correlatie tussen orgaandisfuncties, dus maagklachten, migraine, darmklachten en wervelfoutstanden. Dat is een artikel dat is verschenen in het Tijdschrift voor Integrale Geneeskunde. Professor Van Herwijnen uit Leiden heeft hiervoor de grafieken gemaakt. Het gaat over een onderzoek bij 600 patiënten. Professor Van Herwijnen heeft tegen mij gezegd dat het een prachtig artikel was. En dat geeft het ook duidelijk aan, alle curves geven aan dat er een duidelijk verband is tussen de klachten, dit is statistisch bewezen’. (04.30)

Over haar visie op Renckens, de voorzitter van de VtdK

‘Ik denk dat ik de medische wetenschap heel veel mooie dingen gegeven heb en daar ben ik heel gelukkig mee. En voor de rest ben ik heel erg dankbaar dat ik niet in de schoenen sta van meneer Renckens, want alles wat je de medemens aandoet, krijg je naderhand op je brood. Alles wat je doet tegen je medemensen dat krijg als je dood bent, wordt je dat even duidelijk gemaakt. Dood bestaat niet, je stapt alleen uit je lichaam, maar voor de rest blijf je degene die je bent. En dan kan je verantwoording afleggen over wat je gedaan hebt. Als je je tegenover anderen misdragen hebt, dan krijg je dat te verwerken. En dan heb je bovendien een schuld op je geladen die je weer in de volgende incarnatie moet goed maken’. (49.07)

Met dank aan Marian Chin-a-Kwie

Nieuwsbrief

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.

 

Frits van Dam

dr. F.S.A.M. van Dam is als psycholoog verbonden aan het Nederlands Kanker Instituut/Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis en als bijzonder hoogleraar aan de afdeling Klinische Psychologie, FMW, Universiteit van Amsterdam.

Gerelateerde artikelen

page - 17 november 2021

De VtdK hanteert de volgende definitie van kwakzalverij:

page - 15 juli 2019

Cees Renckens blikt terug op drie ‘chefsachen’ uit de recente kwakzalverij.

tijdschrift - 15 juli 2019

Cees Renckens blikt terug op drie ‘chefsachen’ uit de recente kwakzalverij.