Door: Broer Scholtens | Geplaatst: 09 december 2016

Kurkuma is een hype en werkt niet tegen alvleesklierkanker

Kurkuma is ongeschikt als medicijn, ook tegen kanker, hebben farmacologen al jaren geleden ontdekt.

Kurkuma is een hype en werkt niet tegen alvleesklierkanker

Het kruidenmengsel kurkuma, ook wel geelwortel (koenjit; het geeft de kleur aan kerrie waarin het wordt verwerkt) genoemd, is een hype die recentelijk tot grote proporties is opgeblazen met name door curieuze, positieve uitspraken over de werking van het mengsel door de bekende alvleesklierchirurg Casper van Eijck van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam.

Van Eijck is gespecialiseerd in alvleesklierkanker en heeft veel beroemdheden uit binnen- en buitenland als patiënt onder behandeling (gehad) waaronder de half december overleden Amsterdamse topkok Joop Braakhekke.

De uitspraken van Van Eijck zijn bevreemdend omdat het menselijk lichaam curcumine niet goed opneemt: het wordt na opname uit de darm snel afgebroken. De stof blijft daardoor in de bloedspiegel relatief laag. De activiteit van curcumine blijft zo lager dan op grond van laboratoriumproeven zou mogen worden verwacht, blijkt uit farmacologisch onderzoek. Van Eijck vertelde echter in maart dit jaar in een interview met Volkskrant Magazine (19 maart 2016)  dat volgens hem kurkuma bij alvleesklierkanker effectiever zou werken dan chemotherapie en gaat zo tegen de wetenschappelijke stroom in. “Er is gewoon medische literatuur over de aangetoonde werking, die informatie stuur ik nu ook aan mijn patiënten”, liet hij optekenen zonder deze boude uitspraak – daarop gewezen – later terug te nemen. “Waarom geven wij niet die kurkuma maar wel chemo?”, vroeg hij zich hardop af. “Het zou nog wel klinisch, op patiënten dus, uitgeprobeerd moeten worden”, liet hij de interviewster weten.

Niet onderbouwd

De stof curcumine komt echter niet in voldoende werkzame hoeveelheid op de juiste plaats in het lichaam terecht, blijkt uit tientallen farmacologische studies die de afgelopen jaren zijn uitgevoerd (de meeste in reageerbuizen in het laboratorium). Het is een aanwijzing dat het waarschijnlijk nooit tot een medicijn zal komen. Wanneer echter een medisch geschoolde alvleesklierspecialist vol optimisme dingen beweert over die effectiviteit (ook al zijn ze niet onderbouwd) dan denkt de niet-deskundige al gauw dat het wel waar zal zijn. Niemand die gaat nazoeken of het klopt.

Dieetgoeroes zetten sindsdien op hun websites juichende onzinteksten over potjes geelwortel die bij hun te bestellen zijn. Ook op de schappen van de drogist en zelfs in apotheken zijn kurkuma-potjes in groten getale terug te vinden. De Amersfoortse diëtiste Wendy Walrabenstein schrijft op haar website http://walrabenstein.nl/wendy-walrabenstein/: “Kurkuma: het 10e geheim voor lang en gezond leven.” Ze vervolgt: “Eerder onderzoek toonde al aan dat kurkuma een veelbelovend middel is bij de preventie en het ondersteunen bij de behandeling van diverse vormen van kanker en in het bijzonder ook darmkanker. Zo blijkt uit recent onderzoek dat kurkuma ondersteunend lijkt te werken bij chemotherapie voor patiënten met darmkanker die uitzaaiingen naar de lever hebben. Door het gebruik van kurkuma naast chemotherapie blijkt deze therapie meer effect te hebben.”

Genezende werking

Dieetcoach Jesse van der Velden, die een blauwe maandag voedingswetenschappen studeerde aan de Hogeschool Antwerpen, meent dat er “23 redenen zijn waarom je geelwortel (kurkuma) veel vaker zou moeten gebruiken. Curcuminoïden in kurkuma werken allemaal anti-oxidatief, ontstekingsremmend en zijn giftig voor tumorcellen. De meest bioactieve en onderzochte stof in kurkuma is curcumine dat ook antivirale en antischimmelwerking heeft”, aldus Van der Velden. De genezende werking wordt met een hoge dosering gedaan van 500 mg tot 4 gram per dag, schrijft Van der Velden, niet gehinderd door enige kennis van zaken. In een potje kurkuma van bijvoorbeeld AH, als smaakmaker te gebruiken onder meer in curry’s, zit 44 gram.

Warhoofd Guido Jonkers van de veel gelezen kwakzalver-website Wanttoknow heeft het over “de bijna magische werking – zeker wanneer we de werking van geelwortel vergelijken met traditionele chemische medicijnen – is opzienbarend. Waarom verdomde de medische wetenschap het om de uiterst krachtige eigenschappen van geelwortel te onderzoeken, ergo te gebruiken in hun ‘geneesmiddelen’..?”, vraagt Jonkers zich af.

Emeritus-hoogleraar farmacochemie, Henk Timmerman, tot voor kort bestuurslid van de Vereniging tegen de Kwakzalverij, is uiterst kritisch over de werking van kurkuma, in het bijzonder over de werkzame stof curcumine. Voor hem is het duidelijk: er is weliswaar veel aan onderzocht maar veel bruikbaars heeft dit niet opgeleverd. Timmerman begeleidde in de jaren tachtig van de vorige eeuw aan de Universitas Gahjah Mada in Yogyakarta, een gerenommeerde universiteit in Indonesië, vijf promovendi bij hun proefschrift over curcumine-gerelateerde onderwerpen.

Interessant molecuul

Timmerman: “De bekendste – niet de enige – stof met interessante eigenschappen in kurkuma is curcumine. We isoleerden en synthetiseerden deze stof, stelden in het lab inderdaad interessante farmacologische eigenschappen vast op geïsoleerde organen en in proefdieren. Zoals pijnstillende en een anti-ontstekingsactiviteit. Een interessant molecuul dus. Helaas, bij verder onderzoek bleek het ongeschikt als geneesmiddel vanwege de slechte opname bij orale toediening en de snelle metabole afbraak. Eenmaal opgenomen in het lichaam is het instabiel.” Timmerman: “We hebben veel curcumine-derivaten gemaakt, elk met een iets andere chemische structuur om zo nadelige kinetische eigenschappen te kunnen omzeilen. We zijn er echter niet in geslaagd een geschikt derivaat te maken dat toegepast zou kunnen worden.

Er is veel over gepubliceerd, de Indonesische onderzoekers hebben octrooien verkregen maar al dit onderzoek heeft niet geleid tot een geneesmiddel. Curcumine is een interessant molecuul, het is jammer genoeg niet te gebruiken. Zo is het leven. Ook in de reguliere farmaceutische industrie worden zeer veel veelbelovende moleculen afgeschreven. Dit zou ook met curcumine moeten gebeuren”, vindt Timmerman.

Niet iedereen is dit met hem eens. Michal Heger, onderzoeker in het AMC in Amsterdam en al jaren bezig met laboratoriumproeven, bevestigt in een review-artikel de slechte bio-beschikbaarheid van curcumine dat het gebruik als medicijn in de weg staat. Heger doet als sinds 2012 in het laboratorium onderzoek naar pharmokinetische eigenschappen van curcumine. In 2012 sprak Heger over “een veelbelovende middel tegen kanker, rechtstreeks uit de natuur.” 

Vetbolletjes

Heger is er echter ook van overtuigd dat curcumine, oraal ingenomen, niet werkt omdat het in darm en lever wordt afgebroken en daardoor niet op de gewenste plaats in het lichaam terecht kan komen. De AMC-onderzoeker doet daarom verwoede pogingen curcumine, verstopt in vetbolletjes, via de bloedbaan naar de tumor te brengen. Op dit moment alleen nog in de vorm van laboratoriumexperimenten. “Er is nog niets klinisch getest, ik heb nog een paar jaar nodig voordat ik patiënttrials kan doen”, laat hij in de zomer van 2016 in een interview met de website Nieuws.nl weten.

Ook Henk Timmerman vermoedt dat met die vetbolletjes-aanpak de opname vanuit de darm mogelijk kan worden verbeterd, maar hij denkt niet dat zo ook de metabole afbraak is te beïnvloeden. Het zijn zaken die de Rotterdamse alvleesklierchirurg Casper van Eijck blijkbaar zijn ontgaan, gezien zijn opmerkelijke uitspraken over kurkuma, onder andere in De Volkskrant.

Henk Timmerman is hier beslist over: “Een en ander toont aan hoe slecht die man over het specifieke onderwerp kurkuma en curcumine is geïnformeerd. Weet hij wel het verschil tussen die twee stoffen, weet hij wel dat kurkuma geen enkelvoudige stof is maar een complex van stoffen? En zou hij enig idee hebben wat metabole afbraak is? Zijn verhaal heeft een hoog Privé-gehalte. Onbegrijpelijk dat het in De Volkskrant heeft gestaan. Dit soort publicaties zijn misleidend en gevaarlijk.

Reactie Van Eijck

Van Eijck is het hier niet mee eens. Op de vraag waarom hij aan De Volkskrant zo expliciet heeft verteld te geloven in het positieve gezondheidseffect van kurkuma schrijft hij in een e-mail aan de Vereniging tegen de Kwakzalverij (VtdK): “In de zin in het artikel dat ‘bij alvleesklierkanker kurkuma effectiever werkt dan chemotherapie’ is het woordje ‘soms’ in de definitieve versie weggelaten”, verontschuldigt hij zich. Van Eijck vervolgt: “Het is zo dat in veel experimenten die zijn uitgevoerd in vitro of in proefdieren kurkuma inderdaad effectiever is als het gaat om zelf celdoding (apoptosis) dan bepaalde chemotherapeutica. In het interview heb ik dan ook nadrukkelijk toegevoegd dat dit alleen nog niet bij patiënten is aangetoond. Dat komt voornamelijk omdat de biologische beschikbaarheid van kurkuma zeer te wensen overlaat en ook individueel heel verschillend is. Ook is het maar zeer de vraag of kurkuma daadwerkelijk bij of in de tumorcellen komt bij de mens.”

Van Eijck: “Voor alle duidelijkheid, ik adviseer de mensen chemotherapie als eerste keus omdat het als enige bewezen effectief is bij alvleesklierkanker, zij het beperkt. Alleen zijn er veel patiënten die hier van af zien gezien de ernstige toxiciteit en beperkte winst die het oplevert. Iets wat ik trouwens heel veel tegen kom bij patiënten met alvleesklierkanker. Mijn expertise ligt niet bij kurkuma. Zijn er patiënten die echter kurkuma willen gebruiken en mij vragen welke preparaten ze het beste kunnen gebruiken dan adviseer ik de caps van AOV (Kurkuma Longa). Een hoogleraar biochemie hier heeft me gezegd dat er grote verschillen zijn tussen verschillende preparaten en dat uit hun test blijkt dat deze als beste eruit komt als het gaat om biologische beschikbaarheid.”

Klaus Ross

“Zo is het ook gegaan met die patiënt die naar de Duitse Klaus Ross-kliniek ging,” schrijft Van Eijck. “Deze patiënt (Klaas Tulp, red.) wilde onder geen voorwaarde chemotherapie gebruiken en vroeg me welke kurkumapreparaat hij het beste kon gebruiken. Ik heb hem Kurkuma Longa geadviseerd. Hij heeft er vervolgens in kranten en op televisie van gemaakt dat ik hem kurkuma adviseerde i.p.v. chemotherapie onder andere in een interview met Pauw eind augustus. Wat volkomen onjuist is. Tijden zijn veranderd, patiënten maken zelf een keuze en doen niet meer alleen maar wat de dokter zegt.”

In deze uitleg is Van Eijck genuanceerder dan in zijn uitspraken in De Volkskrant, die een heel andere indruk achter laten. De vraag of het niet beter zou zijn als hij zijn positieve uitspraken over kurkuma zoals in het interview terug zou nemen, ontwijkt hij. In de e-mail aan mij staat geen antwoord.

Dutch Pancreatic Cancer Group

Van Eijck is één van de experts van de Dutch Pancreatic Cancer Group (DPCG) die half oktober in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG) een artikel publiceerde over de stand van zaken bij de behandeling van pancreascarcinoom. Chemokuur is bewezen effectief en leidt tot een betere overleving, zo meldt het artikel. Het effect van kurkuma is echter (nog) niet voldoende onderzocht en wordt daarom niet in het artikel genoemd, laten de hoofdauteurs in een reactie op de NTvG-site weten, na vragen hierover van Cees Renckens, bestuurslid van de Vereniging tegen de Kwakzalverij. Het woordje “nog” lijkt enige hoop uit te stralen richting toekomst.

Op haar eigen website laat diezelfde DPCG echter geen enkele ruimte en zijn de alvleesklierkankerexperts veel duidelijker en uitgesprokener: “Er is helaas geen duidelijk wetenschappelijk bewijs dat curcumine effectief is tegen alvleesklierkanker. Tot op heden is, volgens vakliteratuur, geen enkele alvleesklierkankerpatiënt genezen dankzij curcumine.”

Van Eijck, één van de experts van diezelfde DPCG, hierop gewezen, neemt opnieuw een twijfelachtige, onduidelijke houding aan over het nut van kurkuma, terwijl toch ook hem (inmiddels) duidelijk moet zijn dat kurkuma bij die ellendige alvleesklierkanker geen enkel soelaas gaat bieden. “De tekst op de DPCG-website is volledig buiten mij omgegaan en ook buiten het expertpanel”, laat Van Eijck per e-mail weten. Maar ook hier treedt hij niet op, en laat de zaken voor wat ze zijn waardoor kwakzalvers de ruimte kunnen grijpen om naar zijn uitspraken te verwijzen. Hij benadrukt nog wel in zijn e-mail: “Ik adviseer geen kurkuma als eerste keus, daarvoor is er nog te weinig klinisch onderzoek mee gedaan.”

UPDATE 11-01-2017: Uit een nieuwe zeer omvangrijke studie, gepubliceerd in Nature, is wederom gebleken dat curcumine geen enkele geneeskrachtige werking heeft.

Auteur Broer Scholtens

Broer Scholtens

Broer Scholtens (1949) studeerde scheikunde aan de Universiteit Utrecht en promoveerde er op onderzoek naar batterijen. Hij werkte vier jaar bij het tijdschrift De Ingenieur en bijna dertig jaar als wetenschapsjournalist bij de Volkskrant. Hij schreef jarenlang over technologie, (wind)energie, gezondheid, voeding en consumentenproducten.

Gerelateerde artikelen

artikelen - 27 februari 2022

Buitenlandrubriek met o.a.: Na sociale mediaverboden zoeken antivaxxers contact via podcasts.

tijdschrift - 18 december 2021

Een kind op de wereld zetten is voor een vrouw één van de grootste life events. Geen wonder dat men in dit maakbaarheidstijdperk alles wil doen voor een voorspoedige conceptie, zwangerschap en bevalling. Dat leidt soms tot zinloze behandelingen, zowel regulier als alternatief. Binnen een jaar zwanger Toets op google de zoektermen in ‘moeilijk zwanger […]

artikelen - 26 oktober 2021

Buitenlandrubriek met o.a.: Waarom Duitsers zo van homeopathie houden / Aromatherapie-spray besmet Amerikanen met tropische ziekte.