Hoge Raad handhaaft eerdere straffen in zaak Millecam

De Hoge Raad handhaaft de eerdere straffen voor de twee alternatieve artsen, René Broekhuijse en Jos Koonen, die actrice Sylvia Millecam behandelden voor borstkanker. Zij kregen eind 2011 voorwaardelijke gevangenisstraffen van respectievelijk zes en drie weken, omdat ze Millecam reguliere behandeling hadden onthouden.
Door: Van de Webredactie | Geplaatst: 15 maa 2013

Zie ook

De straffen zijn nu definitief, stelt de raad 12 maart in zijn Arrest. De raad handhaaft ook de eerdere vrijspraak van het `genezende medium' Jomanda, Joke Damman in haar paspoort. De Hoge Raad bevestigt hiermee de eerdere uitspraak van het Gerechtshof in Amsterdam in hoger beroep .

Bij actrice Millecam werd in 1999 borstkanker geconstateerd. Zij koos ervoor zich buiten het reguliere medische circuit te laten behandelen door alternatieve artsen en genezers. In 2001 overleed ze.

Hieronder een deel van het persbericht van de Hoge Raad van half maart 2013:

`De beide artsen zijn veroordeeld omdat zij vanuit hun verantwoordelijkheid als arts te weinig hebben gedaan om ervoor te zorgen dat Millecam de reguliere medische en palliatieve zorg kreeg die zij op dat moment nodig had. Tot die verantwoordelijkheid behoort dat volgens de professionele standaard verantwoorde zorg wordt geboden. De beide artsen wisten dat borstkanker als diagnose was gesteld en dat de werking van hun alternatieve geneeswijzen nooit wetenschappelijk was aangetoond. Ondanks het feit dat Millecam de reguliere geneeskunst afwees, hadden zij haar moeten informeren over de consequenties van die keuze en moeten stimuleren tot het ondergaan van reguliere behandelingen die haar leven mogelijk zouden verlengen en haar pijn verlichten. In dat opzicht zijn de artsen te kort geschoten. De Hoge Raad laat de veroordeling door het Hof van de beide artsen dan ook in stand. Zij kregen voorwaardelijke gevangenisstraffen van respectievelijk 6 en 3 weken. Die straffen zijn nu definitief.

Wat betreft de rol van Jomanda in het ziekteverloop en het uiteindelijke overlijden van Sylvia Millecam stelt het Hof vast dat hoewel zij geen arts is, zij wel een zorgplicht had ten aanzien van Millecam. Dit is een andere plicht dan die waar artsen aan zijn gehouden. In haar geval houdt die in dat de zorgverlener moet voorkomen dat de patiënt onnodig schade aan de gezondheid ondervindt en dat hij handelt volgens de professionele standaard voor zorgverleners. In dat kader moet ook een niet-medisch geschoolde zorgverlener cliënten adviseren een reguliere arts te bezoeken. Dat is in dit geval gebeurd en Millecam heeft dat advies ook opgevolgd. Met het Hof vindt ook de Hoge Raad dat in die situatie niet snel sprake is van een grove schending van de op de verdachte rustende zorgplicht. Het Hof mocht Jomanda op deze gronden vrijspreken. Deze vrijspraak is nu definitief.'

Einde persbericht.

Een veel gestelde vraag is nu: overheerst er na dit definitieve arrest van de Hoge Raad teleurstelling, of kunnen we als Vereniging tegen de Kwakzalverij (VtdK) met tevredenheid terugkijken op deze geruchtmakende casus. Bij het bestuur van de VtdK overheerst het laatste. Er is richting 'de burger' een enorm waarschuwend effect uitgegaan van deze diep trieste ziektegeschiedenis; dat is winst. Er zijn zes zaken aangespannen (tucht- en strafrechtelijk), daarvan zijn er vijf gehonoreerd (met niet mis te verstane sancties). De gedragsregels voor artsen zijn aangescherpt en de ontstane jurisprudentie naar aanleiding van de Millecam-zaak heeft de bewegingsvrijheid voor kwakzalvers ingeperkt. Allemaal pure winst.

Na een aanvankelijk indolente start - gecorrigeerd door het Amsterdamse Hof in 'onze', door de vereniging en door de Stichting Skepsis aangespannen art. 12 Sv procedure - heeft het Openbaar Ministerie zich van haar allerbeste zijde laten zien met een vlammend requisitoir in zowel eerste als tweede aanleg. Het OM is zelfs in cassatie gegaan bij de Hoge Raad. Dit laatste met de niet geheel bevredigende uitkomst van nu. Aan het OM heeft het echter niet gelegen!

Teleurstellend is de rol van de toezichthouder op de zorg geweest: de IGZ. Althans na het vertrek van Herre Kingma en Menso Westerouen van Meeteren. Het laat zich aanzien dat de inspectie de laatste jaren overal disfunctioneerde en dat het gebrek aan daadkracht (en toezicht) ten aanzien van het alternatieve veld onderdeel was van de algehele malaise. Er is nu een nieuwe inspectieleiding en de politiek dringt - na enige ontluisterende rapporten - aan op structurele verbeteringen bij de IGZ. We vergeten het uiterst merkwaardige optreden van de IGZ (o.a. jegens ons bestuurslid MWvM) in de Millecam-zaak en zijn vol goede hoop dat we de toezichthouder versie 2.0 weer aan onze zijde zullen vinden.

Tot slot inhoudelijk. Onbevredigend is dat de strafrechter al te zeer onderscheid maakt tussen artsen en niet-artsen. Strafrecht gaat erover wat de ene burger de andere aandoet met ernstig gevolg. De ernst en aard van het delict dient de boventoon te voeren en het wel/geen arts zijn is - wanneer je naar de feiten in de casus kijkt - van ondergeschikte betekenis. Het gaat om de dominantie van de rol van elk.

Ter adstructie: op 19 juni 2000 had Sylvia Millecam een afspraak bij de oncoloog in het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, maar zij verscheen daar niet. In plaats daarvan voerde Jomanda haar naar Erik Dankmeijer, een niet-regulier werkend internist waarmee Jomanda nauw samenwerkte. Een 'gezamenlijke' behandeling van enige maanden volgde, in een tijdsgewricht dat curatieve behandeling in principe nog mogelijk zou zijn geweest. Hun stellingname was echter 'geen kanker' en 'niet snijden'. Betrek daarbij dat Dankmeijer door het tuchtcollege uit zijn beroep is gezet, onder meer omdat hij zich bij zijn handelen volkomen liet leiden door Jomanda. Dan komt het genezende medium Jomanda strafrechtelijk wel heel goed weg!

Opmerkelijk is ook dat in het thans geaccordeerde Arrest van het Hof ter disculpering gesteld wordt dat Jomanda nimmer beoogd heeft aan Millecam zwaar lichamelijk letsel toe te brengen. Er zullen in het commune strafrecht weinig vonnissen zijn waarin een van geweldspleging verdachte op grond van deze motivering wordt vrijgesproken.

Volle tevredenheid kan er over de afloop van de Millecam-zaak niet zijn. Maar met het bereikte komen we daar wel dicht in de buurt. Het is te hopen dat de wetgever werk gaat maken van de telkenmale aangekondigde wetsaanscherping (zoals het onderbrengen van 'de diagnose' bij de voorbehouden handelingen). Het lijkt er echter op dat de politiek nu andere dingen aan het hoofd heeft en dus is het wachten op een volgende affaire. De VtdK houdt de vinger aan de pols.

Er is werk genoeg. Beide alternatieve arts-genezers in de Millecam-processen hebben geen lering getrokken uit de zaak Millecam. Natuurgeneeskundige René Broekhuijse is geschrapt uit het BIG-register. Bij zijn naam in het register staat: `Een inschrijving van deze zorgverlener is doorgehaald. Deze zorgverlener mag niet werken in het bijbehorende beroep.' Broekhuijse heeft in De Meern een praktijk, De Nieuwe Ham, waar, zo lezen we op zijn website, `klachten van patiënten worden behandeld met simpele ontstekingen tot chronische vermoeidheid of hooikoorts en allergieklachten. Ook bij: kanker of dementie, aids of alzheimer worden patiënten complementair geneeskundig adviezen gegeven. Het onderzoek wordt hoofdzakelijk gedaan via bioresonantie met de vegetatieve reflextest, de vega-test.'

Jos Koonen heeft nog steeds zijn praktijk in Millingen aan de Rijn. Daar stoeit hij met dubieuze apparaten voor het stellen van een diagnose. Met bijvoorbeeld een Esteck-lichaamsscan claimt Koonen binnen drie minuten te weten wat er in het lichaam aan de hand is, zeker als hij ook het bloed heeft bekeken onder zijn Donkerveld-microscoop.

En ook Erik Dankmeijer, in 2007 uit het BIG-register geschrapt, behandelt lustig door in een praktijk in Bunnik waar hij zich richt op `de mens met diabetes mellitus.'

Lees ook