Lichttherapie26 jan 2011 | Ronald van den Berg en Michiel Hengeveld | Laatste wijziging: 17 jan 2013Er bereiken ons de laatste weken nogal wat vragen over lichttherapie. Dat heeft waarschijnlijk te maken met het jaargetijde en met het aanbod van gezondheidslampen op de markt (Philips en andere firma’s), zogenaamde energy lights, voor mensen die zich “in de winter gewoon wat fitter willen voelen”. Of met het aanbod van wekkers die geleidelijk naast je bed een soort licht verspreiden, alsof de zon opkomt, “om natuurlijk wakker te worden”. Misschien is
lichttherapie, hoewel de methode wat uit de mode leek, ook weer een punt van
aandacht geworden omdat er in Amsterdam een promovendus (Ritsaert Lieverse,
GGZinGeest, partner van VUMC) mee in de publiciteit is getreden. Hij schreef
met anderen een artikel in Archives of General Psychiatry van januari 2011 over een
onderzoek met helder licht bij ouderen met niet seizoensgebonden depressies. In
het Amerikaanse psychiatrie-tijdschrift (en ook bijvoorbeeld in een interview
met Dagblad De Pers van 18 januari 2011) wordt beschreven dat lichttherapie in
een onderzoeksgroep van deze ouderen goed werkt en zelfs beter werkt dan
antidepressiva. De kuur (drie weken thuis elke dag een uur bij de lamp zitten)
geeft een aantoonbare verbetering van de
depressie, een verhoging van de melatoninespiegel in het bloed en ook zou de
spiegel van het stresshormoon cortisol lager worden. Oorspronkelijk, in de jaren tachtig, maakte de behandeling furore bij z.g. seizoensdepressies. Maar de grenzen tussen seizoensdepressies en gewone depressies zijn vaag. Niet zelden is het somber worden “bij het vallen van de blaadjes” bij weinig introspectieve mensen een folkloristische gelegenheidsverklaring van hun sombere gevoelens die op een meer psychogene of sociogene basis ontstaan zijn. Veel patiënten vinden dat gedoe met zo’n lamp te veel soesa en nemen dan liever medicijnen of zij zoeken soelaas bij psychotherapie. De lichttherapie raakte derhalve na een tijd enigszins uit de mode, hoewel er behandelaars waren die de methode wel bleven hanteren. De toepassing van licht is volgens de lampenverkopers geschikt bij lusteloosheid, menstruele prikkelbaarheid, somberheid, concentratieproblemen, prikkelbaarheid, toegenomen slaapbehoefte, emotionele labiliteit, jetlag, te veel eetlust, overmatig alcoholgebruik, gebrek aan libido en wat dies meer zij. Vroeger vatte men die klachten samen als “neurasthenie”. Al dat soort onbehagen biedt grote ruimte voor behandelwijzen van kwakzalvers. Bovendien gaat het om elektriciteit, deels onbegrepen biologische effecten, geheimzinnige energieën en straling. Dat is natuurlijk ideaal om hun wanen in gang te zetten. Over pseudolichttherapieën werd al eerder op onze site geschreven in een artikel over de praktijk Healthy Balance en over kleurentherapie. Concluderend: Naar het zich laat aanzien lijkt het licht van de lampen uit de handel geen schadelijke bijwerkingen te hebben. Maar het gebruik door mensen die niet depressief zijn en die “zich gewoon wat fitter willen voelen” zal naar onze mening de weg volgen van de Infrafil warmtelamp en de infraroodlamp, die beide veel gebruikt werden tegen spier- en gewrichtspijn in de tijd dat de temperaturen in de huizen ’s winters nogal laag waren en de bedden vochtig. Of de weg die de hoogtezon volgde (kan niet meer vanwege melanomen en andere huidcarcinomen): een hebbeding dat na een tijdje op zolder of de in kelder eindigt omdat het te veel gedoe gaf voor te weinig gezondheidseffect. Referenties:
Aanvulling
8 februari 2011 Antwoord van de auteurs
|
GERELATEERDE ARTIKELENNIEUWSBRIEF AAN- OF AFMELDEN
De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site. Vul uw e-mailadres in en meld u aan!
|