Symposium 2022Kritische kijk op leefstijlgeneeskunde

Schrijf u nu in
Door: C.N.M. Renckens | Geplaatst: 29 mei 2001

Uren met Houtsmuller II

Dr. A.J. Houtsmuller eiste op 4 mei rectificatie in kort geding: een civielrechtelijke procedure.

Actieblad tegen de Kwakzalverij, juli 1999, jaargang 110 nr.3

‘Als apen te hoog klimmen willen, ziet men ras hun kale billen’
Jacob Cats

Dr. A.J. Houtsmuller, die ons in maart had laten weten dat hij i.v.m. het Telegraaf-interview een klacht wegens smaad zou gaan indienen, had zich kennelijk in de juridische terminologie vergist, want hij eiste op 4 mei rectificatie in kort geding: een civielrechtelijke procedure. Als zijn raadsman trad op de Amsterdamse advocaat mr. G.J. Kemper, die op het gebied van smaad, belediging, problemen met roddeljournalistiek e.d. landelijke faam geniet. Hij geniet tevens bekendheid als VN-columnist Lex Dura. De Vereniging vond de Haarlemse advocaat en tevens VtdK-bestuurslid mr. Th.J. Douma, ondanks zijn drukke agenda, bereid om haar bij te staan. Douma is niet speciaal thuis in dit deelgebied van onze wetgeving, maar hij won al eerder ons proces tegen VSM en hij verwachtte te kunnen profiteren van het voordeel dat wij het gelijk overduidelijk aan onze zijde hadden. Tijdens de voorbereiding op het geding stuitten wij op maar liefst drie interviews met Houtsmuller uit 1998, waarin hij nog altijd onbekommerd zijn leugens over zijn uitzaaiing had herhaald! Dat was ons tevoren niet bekend en dat gaf ons goede moed.

Over de vraag of in ons land een kwakzalver een kwakzalver genoemd mag worden bestond meer onzekerheid, maar het begrip kwakzalver – dat jaren bijna weg was – lijkt de laatste jaren toch onder medici weer meer in te burgeren en wij vonden citaten van NTvG-hoofdredacteur Van Gijn, die Houtsmullers Italiaanse evenknie Di Bella een kwakzalver noemde, van Piet Borst, die de homeopathische KNMG-leden van kwakzalverij beschuldigde, en van de kankeronderzoekers Mels Sluyser en Ronald Plasterk, die Houtsmuller van kwakzalverij betichtten. Dat kon goed van pas komen! In de enorme lijst aanbevolen ‘kanker-remmende middelen’ van Hout-smuller werd door de altijd attente skepticus Nienhuys het middel Tardolyt aangetroffen: dit bevat aristolochiazuur uit de gewone pijpbloem (Aristolochia clematidis) en tegen deze zeer giftige stof werd reeds jaren geleden gewaarschuwd in het Geneesmiddelenbulletin. De stof is nefrotoxisch (schadelijk voor de nier) en kan zelfs kanker aan de urinewegen veroorzaken. De Brusselse epidemie van nierinsufficiëntie uit 1990/1991 werd veroorzaakt door aristolochiazuur, dat in een Chinees vermageringsmiddel werd aangetroffen. De stof is in de meeste Europese landen verboden. Volgens Houtsmullers Het Dr. Houtsmullerdieet (uitg. Bohn Stafleu Van Loghum) moet de kankerpatiënt driemaal daags een dragee van 0,15 mg innemen, te leveren via de Stichting informatie Natuurlijke Geneeswijzen te Uden (pag. 183). Ook dit feit, zo illustratief voor de gevaren van de solistisch werkende kwakzalver, zou ter kennis van de rechter worden gebracht.

Tijdens de zitting in de Amsterdamse arrondissementsrechtbank, met als fungerend president mr. Orobio de Castro (ook voorzitter van het medisch tuchtcollege), hield allereerst Kemper een zwierig en knap opgebouwd betoog: Houtsmuller, wetenschapsman en arts, kan bogen op een glanzende carrière. Internist en diabetoloog, van 1974 tot 1986 verbonden aan de EUR, in diezelfde periode lid van de Voedingsraad, auteur van 80 artikelen, 6 boeken waaronder zijn proefschrift uit 1959 en daarna auteur van twee boeken over niet-toxische tumortherapie. Dit laatste vormt de basis van zijn ‘levenswerk’, dat overigens nog niet voltooid is. Het is een ‘uphill battle’ en alleen door pech is het wetenschappelijk onderzoek naar de waarde van zijn kankerbenadering nog niet van de grond gekomen. In het Canisius-ziekenhuis te Nijmegen was het er na felle pleidooien van o.a. wijlen Piet Vroon en de natuurarts Leen Kunst (oude bekenden van onze Vereniging!) bijna van gekomen. ‘Geneesheer-directeur Versteeg’ (deze heet Verstegen, maar Houtsmullers geheugen is nu eenmaal niet zo nauwkeurig, CR) was zelf initiatiefnemer geweest. Er zou een ‘dubbelblind onderzoek’ komen (alsof je een dieet-therapie ooit dubbelblind zou kunnen uitvoeren: iedereen die kilo’s rauwe groente moet wegslikken en geen balletje gehakt meer krijgt, weet dat hij in de Houtsmullergroep zit! Maar, alla: Verstegen heeft kennelijk het buskruit ook niet uitgevonden!). Volgens Kemper trachtte de VtdK dit ‘levenswerk’ volgens een geijkt recept kapot te maken. Dit recept omschreef hij als volgt: 1. weglaten van essentiële gegevens; 2. het uitzoeken en aanvallen van een ondergeschikt detail; 3. het gebruik van makkelijk in het gehoor liggende scheldwoorden en 4. de aanval laten uitvoeren door iemand die in de ogen van het publiek terzake deskundig lijkt.

Het ondergeschikte ‘detail’ betrof Houtsmullers ziekte-episode uit 1981: Houtsmuller wist dan nu wel sinds 1997 dat het geen uitzaaiing was maar er was wel degelijk sprake van een nieuwe inoperabele vorm van nierkanker, die genezen was dankzij zijn eigen aanpak. De term ‘kniekanker’ uit een ingezonden brief van H. in het AD bleek op een zetfout te berusten: het moest zijn ‘beginnende nierkanker’. De drukte die de VtdK over deze feiten maakte werden door Kemper als het opblazen van details beschouwd. De interviews uit 1998 waren grotendeels al voor dat jaar afgenomen en werden pas veel later gepubliceerd. Houtsmuller had eenvoudig vergeten de nieuwe feiten aan zijn interviewers door te geven! Kan gebeuren, nietwaar? Dat Het Dr. Houtsmullerdieet nog in maart 1999 in ongewijzigde vorm was bijgedrukt, dat verbaasde de president zeer, maar dat lag uitsluitend aan de weigerachtige uitgever: Houtsmuller heeft geen vat op deze bullebak (drs. Snakkers), met wie hij overigens tegelijkertijd in goede harmonie een nieuwe gewijzigde versie van zijn Niet-toxische tumortherapie aan het voorbereiden is. Wij zagen de verbazing op het pokerface van president over zo veel onwaarschijnlijkheden doorschemeren.

De ‘invectieven’ als leugenaar, kwakzalver en oplichter worden door de frequente herhaling daarna door journalisten en medestanders overgenomen en voortdurend herhaald. Kemper: ‘Dat kakelt elkaar maar na, president!’. Alsof de VtdK de vaderlandse journalistiek en geleerden als prof. Plasterk, directeur van de Amsterdamse onderzoekschool Oncologie, aan de leiband heeft!

De mensen met gezag, waarop Kemper doelde betroffen onze vereniging en voorzitter Renckens, hoewel deze laatste – o, foei! – al over Houtsmuller oordeelde toen hij nog slechts een interview met hem had gelezen. Volgens Kemper zou de VtdK ook haar proces tegen VSM in 1995 verloren hebben.

Het betoog van Douma was zakelijk en to the point. In rustige bewoordingen onderbouwde Douma de juistheid van de kwalificaties ‘leugenaar’ en ‘kwakzalver’, met verwijzing naar de boeken en interviews van H. en naar de definitie van kwakzalverij, zoals de VtdK deze al sinds jaar en dag hanteert: het toepassen van behandelwijzen waarvan het nut niet wetenschappelijk bewezen is. Dat Renckens het hem door Steenhorst in de mond gelegde woord ‘oplichter’ had gebruikt kon niet worden hard gemaakt en viel niet te controleren. Het lange betoog van Douma was zo helder dat de NRC-verslaggever op 5 mei sprak van een ‘eenvoudig verweer’. Het draaide vooral om de definitie van kwakzalverij en de vrijheid van meningsuiting in een publiek debat. Over het haaienkraakbeen begon Douma maar helemaal niet. Nadat de beide advocaten hun pleitredes hadden uitgesproken had de president alleen aan Houtsmuller nog enkele vragen: hij bleef namelijk zo’n moeite houden met het begrijpen van Houtsmullers ziektegeschiedenis. Die tweede ziekte uit 1981: wie had H. daarvoor eigenlijk behandeld en was dat een andere dokter geweest dan bij zijn huidtumor in 1980? Doodnerveus vertelde H. dat het in 1980 prof. Wieberdink was geweest die hem opereerde en dat hij later door radioloog Van Andel was nagecontroleerd. De tweede nierziekte werd vastgesteld in het Bergwegziekenhuis te Rotterdam door een uroloog, bij wie hij vervolgens niet meer hoefde terug te komen onder het motto: ‘U heeft nog 3 à 4 maanden te leven, maak er het mooiste van!’. Het bleef onduidelijk waarom een beginnende vorm van kanker direct al onbehandelbaar was en hoe die diagnose dan wel was gesteld. Volgens Houtsmuller gebeurde dat o.a. met behulp van MRI-onderzoek. Bij deze woorden klonk er gegons in de zaal, want deze vorm van diagnostiek is eerst in de jaren negentig ontwikkeld en bestond destijds nog niet eens! Het gezicht van de president bleef in de plooi, maar de aanwezigen proefden zijn wanhoop. De uitspraak zou, verrassend snel, volgen op 12 mei.

Na afloop werd Houtsmuller bestormd door de aanwezige journalisten, die opnieuw uitleg eisten over die rare ziekte en over de ongewijzigde bijdrukken van zijn flodderboekjes. ‘Ik heb geen greep op de uitgever’, kreunde Houtsmuller. Ook voor het radio 1 journaal, dat Houtsmuller en Renckens ondervroeg, herhaalde hij zijn noodkreet over de onwillige Bohn Stafleu Van Loghum.

Het vonnis, dat de lezer inmiddels al lang heeft vernomen, had volgens NRC-columnist Frits Abrahams ‘niet vernietigender kunnen uitpakken’. Alle eisen werden afgewezen en Houtsmuller werd veroordeeld tot de kosten van het geding. Natuurlijk is het goed, dat de justitie onze beschuldigingen en verwijten aan H.’s adres nu sanctioneert, maar veel verwijtbaarder is natuurlijk het KWF-beleid dat Houtsmuller door zijn uitnodiging consacreerde en dat in het proces geheel buiten schot bleef. De columnisten corrigeerden die fout gelukkig wel, want dezelfde Abrahams nam KWF-directeur voorlichting Monda Heshusius, die de samenwerking met de niet-toxische artsen in De Telegraaf als een doorbraak had toegejuicht, scherp onder vuur. Datzelfde geschiedde eveneens in bijv. Propria Cures, dat zich onder de kop ‘De tering’ vrolijk maakte over het KWF en door de Berichtenrubriek in het NTvG van 5 juni, die begon met de geestige op-merking dat ‘als het KWF veel aandacht voor zijn congres hadden willen genereren, dat men daarin met de uitnodiging aan Houtsmuller uitstekend was geslaagd!’.

Wordt vervolgd, want Houtsmuller heeft hoger beroep aangekondigd. De datum is bij het ter perse gaan van dit nummer nog niet bekend. Intussen is ook nog gebleken, dat Houtsmuller de juridische terminologie toch minder slecht beheerst dan wij in de openingszinnen van dit verhaal meenden, want Renckens werd eind mei verhoord door de Hoornse recherche in opdracht van de Alkmaarse officier van justitie, waar Houtsmullers dochter (advocaat in het Gooi) medio maart wel degelijk een klacht wegens smaad had ingediend. De officier onderzoekt thans met het vonnis van de Amsterdamse rechter in de hand of hij vervolging tegen Renckens zal instellen.

Nieuwsbrief

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.

 

C.N.M. Renckens

Gerelateerde artikelen

page - 17 november 2021

De VtdK hanteert de volgende definitie van kwakzalverij:

artikelen - 16 november 2015

Dr. Hans Houtsmuller (1924-2015) maakte propaganda voor een dieet voor kankerpatiënten, waarvan de werkzaamheid nooit is aangetoond.

artikelen - 26 maart 2015

Op 6 maart 2015 is de gepensioneerde internist Hans Houtsmuller (1924-2015) overleden, op de leeftijd van 90 jaar. Hij werd in Rotterdam opgeleid tot internist en promoveerde op een klinisch-chemisch onderwerp.