Door: C.N.M. Renckens | Geplaatst: 29 december 2014

Jaarrede 2014: ‘Aangetroffen: achterstallig onderhoud’

Een van de meest kleurrijke figuren waarmee onze Vereniging het de afgelopen jaren te stellen heeft gehad is de onbesuisde strafpleiter mr. Job van Broekhuijze uit Ridderkerk. Hij is tevens amateur astroloog en kwam binnen ons gezichtsveld als oprichter van een tweetal chiropractorenverenigingen, de DCF en de CCA, die de slappelingen van de NCA de […]

Jaarrede 2014: ‘Aangetroffen: achterstallig onderhoud’

Een van de meest kleurrijke figuren waarmee onze Vereniging het de afgelopen jaren te stellen heeft gehad is de onbesuisde strafpleiter mr. Job van Broekhuijze uit Ridderkerk. Hij is tevens amateur astroloog en kwam binnen ons gezichtsveld als oprichter van een tweetal chiropractorenverenigingen, de DCF en de CCA, die de slappelingen van de NCA de les ging lezen. Daar zaten n.b. randfiguren in, die het concept van de subluxatie durfden los te laten, de zgn. mixers.

Van Broekhuijze trad ook op als raadsman van diverse chiropractoren, maar verloor zo ongeveer alle zaken. Zijn aimabel handenschudden voorafgaand aan zo’n zitting staat in schril contrast tot de bijna hysterische uitvallen die hij op schrift en tijdens de zittingen doet in de richting van zijn critici binnen de VtdK en Skepsis, waaronder ikzelf.

Op Google vind je iets over zijn levensloop en daaruit blijkt dat hij pas op latere leeftijd rechten is gaan studeren, toen hij zijn brood verdiende in de verzekeringswereld. Grappig is een ANP-berichtje van 2 december 1993 (zie hieronder – red.) waarin hij een hoogleraar aanklaagt nadat hij voor een tentamen bij hem was gezakt. Het tentamen zou niet hebben gedeugd en het studeren voor het hertentamen kostte hem zoveel uren maal zoveel gulden en of professor dat maar even wilde betalen.
Student moet zijn excuses aanbieden

ROTTERDAM (ANP) – De juridische faculteit van de Erasmus Universiteit in Rotterdam eist dat de avondstudent Job van Broekhuijze zijn excuses aanbiedt aan prof. dr. Foqué en de faculteit. Doet hij dat niet, dan volgen gerechtelijke stappen.
Broekhuijze liet enkele weken geleden weten dat hij van de hoogleraar een schadevergoeding zal eisen van ten minste 12.000 gulden, omdat hij door enkele ondeugdelijke vragen voor een tentamen was gezakt. Het College van Beroep voor de Examens heeft de bezwaren van de student echter ongegrond verklaard.

Zo’n man was dat toen al! Onwillekeurig schiet mij bij deze advocaat elke keer dat oud-Duitse gedichtje te binnen, dat luidt: ‘Wenn man nichts wird, wird man Wirt. Und wenn auch das nicht ist gelungen, geht man in Versicherungen’. Het zou, dames en heren, voor de chiropractoren beter zijn geweest als Van Broekhuijze zich bij zijn verzekeringen had gehouden, maar de klok kan niet meer worden teruggedraaid.

Opmerkelijke zaken

Tussen de talrijke stukken, die Van Broekhuijze bij diverse gelegenheden naar rechtbanken heeft gestuurd en waarvan wij als tegenpartij kopieën ontvingen, trof ik twee opmerkelijke zaken aan, zaken die mij op het idee brachten dat er in de regel- en wetgeving op het gebied van de kwakzalverij nog wel het een en ander verbeterd kan worden.

Het eerste curiosum dateert van 1983. In een van zijn pleidooien citeerde Van Broekhuijze een unaniem gesteunde Kamermotie uit dat jaar waarin werd opgeroepen de chiropraxie als nieuw beroep te gaan erkennen. Dat bleek te kloppen en ik schrok daar toch wel even van totdat ons bestuurslid en ex-Kamerlid Antoinette Vietsch mij vertelde dat een niet uitgevoerde motie zo’n dertig jaar later niet veel meer betekent. Bij hetzelfde Kamerdebat over alternatieve geneeswijzen werden nog meer moties aangenomen, die even abject zijn als die over het ‘nieuwe beroep’ (daterend van 1905!) van de chiropraxie.

Deze moties betroffen:
– Versterking van het onderwijs in de homeopathie
– Erkennen van het ‘nieuwe beroep’ chiropraxie (A)
– Geld beschikbaar stellen voor wetenschappelijk onderzoek (ook ‘eigensoortig’) naar werkzaamheid AG.
– ‘In principe’ vergoeden van AG in verzekeringen.
– Homeopathica en antroposofica moeten in ziekenfondspakket blijven. (A)
– Bij het beoordelen van werkzaamheid AG ook subjectieve ervaringen laten meewegen. (A)
(A) = algemene stemmen

Hieraan vooraf gegaan waren reeds de volgende gruwelijkheden, kenmerkend voor de Zeitgeist van toen:
– 1975: D 66 dringt aan op acupunctuur-onderwijs op de universiteit.
– 1975: KNMG gaat akkoord met opheffen artsenmonopolie
– 1979: Steun van voltallige Tweede Kamer (motie Borgman-Lansink-Terpstra) voor 4de onderzoek naar Moermantherapie
– 1981: Verschijnen Rapport CAG Muntendam
– 1981: Verzekeraars gaan alt. geneeswijzen vergoeden

Wederopstanding

Al deze ontwikkelingen en de snel aan populariteit winnende alternatieve geneeswijzen leidden tot een wederopbloei van onze Vereniging, die van 1976 tot 1979 nog in een diepe crisis verkeerde. Ruim dertig jaar later kan gesteld worden dat er sinds zo’n twintig jaar een stabilisatie heeft plaatsgevonden van de consumptie van alternatieve geneeswijzen, waarbij wel aangetekend moet worden dat deze daarmee toch ± zes maal hoger ligt dan in 1968, toen Bakker een schatting maakte (in 1968 plm. 1% van de bevolking en sinds 1993 steeds plm. 6%).

Een tweede opmerkelijk gegeven trof ik aan toen ik bij het NUFFIC opheldering vroeg over de diplomawaardering van de Assense chiropractor Molina. Als antwoord op mijn vraag daarover ontving ik van drs. Jessica Stannard, Senior Onderwijsvergelijker de volgende reactie:

Geachte heer Renckens,
Ik geloof dat uw bezwaar m.b.t. de diplomawaardering op een misverstand berust. In de diplomawaardering wordt de opleiding chiropractie niet met een opleiding geneeskunde vergeleken. Het is immers een andere opleiding. Er wordt geschreven dat de opleiding chiropractie overeenkomsten vertoont met manuele therapie en geneeskunde, waarmee wordt bedoeld vakken zoals ‘human physiology’ en ‘gross anatomy’. De vergelijking is tevens voor een deel afkomstig van een Regeringsstandpunt uit 1981-82 betreffende alternatieve geneeswijzen. Hierin staat dat voor mensen die evt. een studie chiropractie willen volgen, “Aan deze vraag, voor zover aanwezig, kan ten dele worden beantwoord door de opleidingen manuele therapie/geneeskunde.”

Hieruit blijkt dat het regeringsstandpunt van Van Agt over het Muntendam-rapport nog steeds wordt gehanteerd bij het NUFFIC, een semi-overheidsorgaan!

Iedereen die de krant leest kan nu met eigen ogen zien, dat de alternatieve geneeskunde zijn momentum verloren heeft: er wordt aanzienlijk minder over geschreven dan vroeger, de politiek heeft inmiddels het basispakket in de ziektekostenverzekering opgeschoond en daarin is met als betreurenswaardige uitzondering de manuele geneeskunde, schuilend binnen de fysiotherapie, geen plaats meer voor vergoeding van alternatieve geneeswijzen.

Wetenschappelijk onderzoek

Onze overheid besteedt geen geld meer aan wetenschappelijk onderzoek naar die absurditeiten en heeft zelfs met zoveel woorden gesteld dat deze geneeswijzen geen ‘gezondheidskundige betekenis’ hebben, lees: geen medisch nut. Zoals EU-jurisprudentie min of meer noodzakelijk maakte heeft de regering vervolgens in 2012 besloten dat deze genezers nu ook btw moeten gaan afdragen – het hoge tarief – net zoals vermakelijkheden als prostitutie, kermissen, schoonheidssalons en gokhallen, beroepen waarmee de alternatieve sector ook zo zijn raakvlakken heeft.

Ook verbood zij per 1 juli 2013 dat de homeopathische ‘zelfzorgmiddelen’ nog indicaties voeren, die niet met wetenschappelijke gegevens gestaafd kunnen worden. Dit heeft de facto geleid tot het verdwijnen van dergelijke info op de bijsluiters c/q/ de verpakking en in de reclame voor homeopathica.

In een armzalige poging de winkelmeisjes die in de drogisterijen die rommel moeten aanprijzen te hulp te schieten en daarmee wellicht ook de wet overtredend publiceert branche-organisatie Neprofarm op haar website Zelfzorg.nl een lijst met ‘historische indicaties’ van de geregistreerde middelen. Want die registratie, dat prachtwerk van het CBG, die is nu geschiedenis geworden.

Op de CBG-website zijn deze goedgekeurde indicaties ook niet meer te vinden. Wat een verspilde energie is dat geweest sinds de eerste inschrijving van Vogel’s Aconitum D 10 druppels in 1999! Sindsdien volgden nog 3900 geregistreerde homeopathica. ‘Voorbij, voorbij o en (hopelijk) voorgoed voorbij’.

Antroposofen

Sinds zomer 2012, toen alle procedures van de antroposofen tegen de nieuwe regelgeving over homeopathische en antroposofische middelen ten einde liepen en door hen verloren waren, vallen alle antroposofische middelen onder de Warenwet en mogen niet meer per injectie worden toegediend. Zij kunnen slechts geregistreerd worden als ze op farmacologisch normale wijze hun werkzaamheid hebben bewezen. En ze mogen slechts in de handel blijven als zij homeopathisch verdund zijn en geen indicatie voeren.

Deze vier maatregelen – opschoning basispakket, btw-heffing, verbod op het noemen van indicaties en verbanning antroposofische middelen – zijn uitstekend en berusten op logische conclusies, een ferme opstelling van de regering en waren mogelijk omdat zij konden rekenen op steun van de Tweede Kamer: het is godzijdank geen 1983 meer.

Als argeloos burger verwachtte ik dat deze rationele benadering van de alternatieve sector ook automatisch zou doorsijpelen naar andere relevante wet- en regelgeving. Maar dat valt bitter tegen. Dat citaat uit 1981/1982 van toenmalig premier Van Agt over de chiropraxie-opleiding, wordt door in dit geval het NUFFIC nog volstrekt serieus genomen en als geldig/geldend beschouwd. Zoiets verdwijnt kennelijk pas van tafel als er nieuwe wetten zijn of nieuwe Kamer-uitspraken.

Die praktijk leidt er dus toe dat er in alle sectoren van het overheidsbeleid gezocht moet worden naar relicten uit de tijd dat onze overheid nog sympathiek althans tolerant stond tegenover deze hedendaagse kwakzalverijen. Het kostte mij weinig moeite een wensenlijstje op te stellen, dat kan dienen om het achterstallig onderhoud gezwind ter hand te nemen. Ik noem u:

Kwakzalvers worden door de wetgever als zorgverlener beschouwd op grond van de wet BIG. Deze wet noemt een aantal welomschreven en beschermde beroepen, maar ook genezers die daarbuiten vallen zijn niet illegaal en kunnen bijvoorbeeld bij het tuchtcollege klachten tegen medici indienen, die hun praktijken bekritiseren. Dat is in het afgelopen jaar drie keer gebeurd, tweemaal door een chiropractor en eenmaal door een osteopaat. Het wachten is op de magnetiseur of medisch astroloog, die tegen een medicus een klacht indient bij het tuchtcollege. De wet BIG maakt hen ontvankelijk: idioot en dat zal moeten worden aangepast.

Ziektekostenverzekeraars

Sinds de jaren ’80 toen ziektekostenverzekeraars alternatieve geneeswijzen gingen vergoeden, veelal in het aanvullingsfonds maar zelfs een periode in het basispakket, is de macht van de verzekeraars sterk toegenomen en de overheid laat hen veel kooltjes uit het vuur halen op het gebied van kwaliteitsbeoordeling, kosten-effectiviteitsbeoordelingen en contracteervrijheid.

In hun aanvullende verzekeringen zijn vrijwel alle verzekeraars kwakzalverij blijven verzekeren en zij geven daarmee een zeer slecht signaal af. Het wordt tijd dat, na de achtereenvolgende VWS-bewindslieden die tevergeefs een moreel beroep deden op de verzekeraars om althans de koppelverkoop te beëindigen, nu de huidige minister met regelgeving komt om kwakzalverij in aanvullende zorgverzekeringen te verbieden. Dat kan een bezuiniging voor de burger opleveren van 300 miljoen euro. Voor nadelige effecten van zo’n verbod op de volksgezondheid hoeft niet te worden gevreesd.

Ik weet dat ik op kritiek in eigen kring moet rekenen, maar kan het toch niet nalaten een van mijn stokpaarden te berijden als ik het ridderen van kwakzalvers aan de orde stel. Ik heb mijn zaak recent nog eens onderbouwd in Medisch Contact en vermag niet in te zien wat er voor buitengewone verdiensten voor de samenleving worden beloond als die ridderorden gaan naar homeopaten, antroposofen of acupuncturisten, die geneeswijzen bevorderen die onze eigen overheid van nul en generlei medische waarde beoordeelt. Is dat het Kapittel voor de Civiele Orden wellicht ontgaan?

ANBI

Ergerlijk blijft ook het gemak waarmee alternatief-geneeskundige organisaties in aanmerking komen voor de belastingvoordelen die erkenning als ANBI met zich meebrengen. Zo’n ANBI-status is niet alleen financieel profijtelijk, maar verleent ook status en betrouwbaarheid aan zo’n inzamelaar of kwakzalversclub.

Neem nu niet alleen de gepatenteerde gekken van Homeopaten zonder Grenzen, maar ook het feit dat maar liefst drie kwakfondsen van het circus-Pluut (St. Nat. Fonds tegen Kanker, St. Kankerbehandeling en Preventie en St. Preventie Diabetes) nog altijd kunnen bogen op erkenning door onze fiscus als ANBI.

Ambivalent sta ik tegenover de ontwerpwet WKKG, die reeds door de Tweede Kamer is goedgekeurd en wacht op behandeling in de Eerste Kamer…. Dit is een belangrijk onderwerp op zich, maar de registratie van de verwachte 40.000 genezers kan m.i. verkeerd gebruikt gaan worden.

Dit zijn vooreerst mijn belangrijkste wensen. Als klein grut staan er nog twee ergernissen op mijn lijst. De eerste betreft de Geneesmiddelenwet, die een definitie van geneesmiddel hanteert die het mogelijk maakt dat homeopathica als ‘geneesmiddel’ mogen worden aangeprezen. De regering vindt de middelen zo onwerkzaam dat zelfs het suggereren van werking verboden is, maar blijft spreken van geneesmiddelen, omdat dat de intentie van de gebruiker/voorschrijver is.

En als aldus artikel 1 van de Geneesmiddelenwet in haar nieuwe definitie van geneesmiddel de homeopathische middelen straks uitsluit, dak kan het CBG ook verlost worden van de taak om toezicht te houden op al die onschuldige middeltjes. De instanties die toezicht houden op de Warenwet zijn daartoe uitstekend geëquipeerd en de antroposofische middelen, neem kweepeer en citroensap per injectie , vertoeven daar ook reeds.

Gratis advies

Nu ik toch bezig ben onze regering gratis adviezen aan te bieden doe ik nog een klein uitstapje buiten de gezondheidszorg. Voor de minister van Justitie heb ik namelijk nog een suggestie over het toewijzen van proceskosten na een uitspraak in een geding. De praktijk is dat als een partij bijna alles verloren heeft, maar toch op een enkel punt (bijv. in 5 of 10% van rechterlijke conclusies) in het gelijk is gesteld dat toch beide partijen ieder hun eigen proceskosten moeten betalen.

Zowel ooit in de zaak die VSM tegen ons aanspande als recent die van Pluut vs. de VtdK wonnen wij bijna volledig, maar toch werden de proceskosten fifty-fifty verdeeld over partijen. Dat maakt op de oppervlakkige lezer van zo’n vonnis, niet zelden een luie journalist, de indruk dat er geen winnaar is.

Ik sluit af, dames en heren. Geneeskunde is een samenhangend stelsel van een groot aantal basisvakken en disciplines. Al deze onderdelen grijpen harmonisch in elkaar als in een kruiswoordraadsel. Die puzzel is natuurlijk nooit af. Regelmatig blijkt overigens tijdens het vervolmaken en afmaken van die puzzel, dat sommige woorden achteraf toch onjuist zijn.

Het onjuiste woord moet worden gewijzigd en dat heeft vaak tot gevolg dat ermee samenhangende kruisende woorden ook opnieuw bekeken moeten worden of onhoudbaar zijn. Het is op deze wijze dat vooruitgang wordt geboekt en aan innerlijke tegenstrijdigheden soms snel soms na lange tijd een eind wordt gemaakt. Zo werkt dat in de geneeskunde.

De burger mag toch verwachten dat onze overheid op vergelijkbare wijze nieuwe inzichten breed laat doorwerken in de nu verouderde delen van de relevante wet- en regelgeving. Zoals ik u schetste is de praktijk anders en dat is onwenselijk, onlogisch, kostbaar en zelfs schadelijk. Ik roep hierbij de verantwoordelijke bewindslieden op om dit achterstallig onderhoud met gezwinde spoed ter hand te nemen. ‘

 

C.N.M. Renckens

Profiel: (1946) Hij studeerde geneeskunde aan de RUG en behaalde het artsdiploma in 1971. Na werkzaam te zijn geweest als tropenarts in Zambia volgde zijn specialisatie tot vrouwenarts. In die kwaliteit is hij sinds 1980 verbonden aan het Westfries Gasthuis te Hoorn. Sinds 1988 bekleedt hij het voorzitterschap van de Vereniging tegen de Kwakzalverij. Hij is auteur van vele publikaties op het gebied van kwakzalverij en alternatieve geneeswijzen, zowel in de lekenpers als in de professionele pers. Van zijn hand verschenen vier boeken: ‘Hedendaagse kwakzalverij’ (1992), ‘Kwakzalvers op kaliloog’ (2000), ‘Genezen is het woord niet. Biografische schetsen van de twintigste meest notoire genezers van de twintigste eeuw’ (2001) en zijn in handelseditie verschenen dissertatie ’Dwaalwegen in de geneeskunde. Over alternatieve geneeswijzen, modeziekten en kwakzalverij’ (2004). In 2006 werd hij wegens zijn verdiensten voor de kwakzalverijbestrijding benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Gerelateerde artikelen

podcasts - 26 februari 2022

Cees Renckens werd geinterviewd door Omroep Wetering vanwege de VtdK-oproep tot een verbod op chiropractie.

artikelen - 24 december 2021

Buitenlandrubriek met o.a.: CfI klaagt Amerikaans ministerie van Volksgezondheid aan over Homeopathiebijbel

artikelen - 01 september 2021

Het bedrijf Brain and Spine Rehab van chiropractor Arjan Kuipers kwakzalft bij hersenschade na beroerte of hersenschudding.