Door: gerben | Geplaatst: 11 mei 2020

Gezondheidsfondsen promoten kwakbehandelingen

Enkele leden van de koepel van gezondheidsfondsen (SGF) staan welwillend tegenover kwakzalverij als osteopathie, acupunctuur en homeopathie.

Gezondheidsfondsen promoten kwakbehandelingen

‘Van de meeste alternatieve behandelingen is (nog) onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat ze daadwerkelijk helpen. Toch kan het soms lonen om een alternatieve behandeling te proberen omdat het je klachten misschien kan verlichten,’ adviseert ReumaNederland (voorheen het Reumafonds) op zijn website. Net als negentien andere gezondheidsfondsen is de organisatie aangesloten bij de Vereniging Samenwerkende Gezondheidsfondsen (SGF). De koepel vertegenwoordigt miljoenen patiënten en streeft naar een samenleving waarin alle mensen ‘de best mogelijke behandeling krijgen.’ Toch blijkt dat voor een aantal leden geen reden om alternatieve behandelwijzen te ontraden.

Een gezondheidsfonds is hét toevluchtsoord voor mensen die geconfronteerd worden met een ziekte. Vrijwel iedere aandoening heeft een eigen organisatie. Ze geven voorlichting, stimuleren wetenschappelijk onderzoek en adviseren over gezonde voeding en voldoende bewegen. Op het punt van alternatieve behandelwijzen durven zij echter geen stelling te nemen. Behandelopties worden gepresenteerd zonder daarin de klinkklare onzin aan te wijzen. Patiënten worden aangezet tot experimenten met therapieën die door de wetenschap allang zijn ontmaskerd.

Experimenten

We houden een aantal fondsen onder het vergrootglas. Op de pagina van ReumaNederland worden acupunctuur, homeopathie, kruidenmiddelen en voedingssupplementen als voorbeelden genoemd. Wat opvalt is dat de belangenvereniging stelt dat er nog onvoldoende bewijs is voor dergelijke behandelmethoden. Dit houdt de mogelijkheid open dat studies in de toekomst wél ondersteunde resultaten kunnen opleveren, terwijl dit bij acupunctuur en homeopathie zeker niet het geval is.

De Chinese prikkunst is allang achterhaald; acupunctuur blijkt niet effectiever dan het stimuleren van de huid met een tandenstoker. De theorie achter homeopathie is volgens natuurkundigen en chemici volstrekt onhoudbaar. De Europese adviesraad van overkoepelende wetenschapsacademies EASAC stelde in 2017 dat er geen wetenschappelijk bewijs is dat homeopathische middelen werken voor welke ziekte dan ook.

ReumaNederland laat dergelijke informatie onvermeld en kiest voor een neutrale opstelling. Experimenten worden via de website aangemoedigd: ‘Zo kun je bijvoorbeeld tegen jezelf zeggen dat je na 3 maanden altijd stopt met de alternatieve behandeling. Komen de klachten terug? Dan weet je dat de behandeling bij je werkt en kun je de alternatieve behandeling weer doorzetten. Komen de klachten niet terug, dan kunnen de klachten vanzelf over zijn gegaan en is het doorzetten van de alternatieve behandeling niet raadzaam.’

Het is een recept voor valse hoop en nodeloze uitgaven. Wanneer de webredactie om opheldering vraagt, reageert woordvoerder Lavina Jamanica: ‘We horen regelmatig dat mensen met een vorm van reuma een positief effect ervaren na het starten van een alternatieve behandeling. Dit kan toe te schrijven zijn aan een placebo-werking, maar ook dat is moeilijk te bewijzen. Niet iedereen ervaart een positief effect op zijn of haar klachten. Daarom adviseren we mensen die voor een alternatieve geneeswijze kiezen om na 3 maanden te kijken of ze daar baat bij hebben.’

De zegsvrouw beroept zich op een patiëntenpanel uit 2014 waarin 40% van 1.735 deelnemers aangaf ooit gebruik te hebben gemaakt van een alternatieve behandelmethode. Om die reden vindt ReumaNederland het belangrijk tips te geven. Zo wordt reumapatiënten aangeraden een behandelaar te kiezen die is aangesloten bij een beroepsorganisatie. Jamanica legt uit: ‘We noemen dit omdat er ook behandelaren zijn die geen beroepsopleiding hebben gevolgd en beweren dat ze alternatief genezer zijn zoals waarzeggers en handopleggers. Dat is onwenselijk. Een beroepsvereniging heeft bovendien vaak een reglement waaraan een praktijkvoerder moet voldoen en een klachtenprocedure.’

Alternatief genezer is geen beschermde titel. Bovendien stellen de beroepsopleidingen waarop de woordvoerder doelt in praktijk niets voor. De Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) – het wettelijke instituut dat in Nederland de kwaliteit van het onderwijs bewaakt – heeft de opleidingen geen accreditatie verleend omdat deze niet aan de kwaliteitseisen voldoen. Om toch te kunnen pronken met een stempel van goedkeuring heeft het alternatieve circuit conform het principe wij-van-wc-eend een eigen register in het leven geroepen dat opleidingen beoordeelt, het beruchte SNRO (Stichting Nederlands Register voor Opleidingen).

Gewraakte teksten

ReumaNederland is niet het enige fonds dat op de alternatieve toer gaat. Op de website van het Longfonds (voorheen Astmafonds) zien we eveneens verwijzingen naar acupunctuur en homeopathie. Nadat eerst wordt verteld dat er geen ‘harde bewijzen’ zijn voor alternatieve zorg wordt even verderop vermeld: ‘Een aantal homeopathische geneesmiddelen heeft een positieve werking op het afweersysteem.’

We vroegen het fonds welke middelen hier worden bedoeld. Adviseur zorg Xana van Jaarsveld weet echter geen homeopathisch product te noemen. Haar reactie: ‘Wanneer er meer ruimte is voor ons reguliere werk, na de coronacrisis, hopen wij tijd te hebben om de informatie op onze website kritisch door te lopen en waar nodig deskundigen te raadplegen.’ Kennelijk zijn er geen deskundigen geconsulteerd.

Onder het kopje ‘acupunctuur’ lezen we over het in balans brengen van verstoorde energiestromen. Het gaat hier om veronderstelde energiestromen uit de acupunctuurleer. Van Jaarsveld reageert kortaf: ‘De formulering van deze zin kan inderdaad beter. Ook hier zullen wij kritisch naar kijken, zodra daar tijd voor is.’ De gewraakte teksten staan er nog steeds.

Haar collega’s van het Epilepsiefonds zijn positief over experimenten buiten de reguliere zorg. ‘Op dit moment zijn er geen alternatieve behandelmethoden die epilepsie kunnen genezen, ook al zeggen sommige alternatieve behandelaars dat dit wel zo is. Toch loont het soms om een alternatieve behandeling uit te proberen omdat het de kwaliteit van leven kan verbeteren.’

Wanneer de huisarts of neuroloog negatief reageert op dit voornemen, dan hoeft dat volgens het fonds geen reden te zijn om de plannen te staken. ‘Dat kan vervelend zijn, maar u hoeft zich er niet door te laten weerhouden. Wel is het aan te raden de samenwerking met de arts die u voorheen had niet op te zeggen. Probeer te bereiken dat de verschillende behandelaars onderling contact hebben.’

Gevraagd naar de totstandkoming van dit advies zegt communicatiemedewerker Vincent van Laar: ‘Ik denk dat het neerkomt op een soort gewetenskwestie. Wij zeggen dat je niet moet afwijken van je medicatie en dat alternatieve behandelmethoden epilepsie niet genezen. Maar in het specifieke geval van epilepsie kunnen onrust en stress nieuwe aanvallen veroorzaken. Als je een bepaalde rust ondervindt van zo’n behandeling dan kan het gebeuren dat je minder aanvallen krijgt. Zodra het schade kan toebrengen moet je het niet doen. Maar als je je medicijnen slikt en jij hebt baat bij yoga of aan het knuffelen van een boom, en dit geeft verder geen bijwerkingen dan is daar niets op tegen.’

Het Epilepsiefonds maakt in haar voorlichting geen onderscheid tussen verschillende methoden. Yoga, massage en ontspanningsoefeningen worden onder dezelfde noemer geplaatst als homeopathie en kruiderij. Evenmin waarschuwt het fonds voor negatieve effecten. Terwijl van bepaalde producten uit de kruidentherapie, zoals Sint Janskruid, bekend is dat ze voor bijwerkingen kunnen zorgen in combinatie met middelen tegen epilepsie.

Voedingscentrum waarschuwt

De Nierstichting houdt zich op de vlakte. In de spaarzame informatie die zij op haar website over het onderwerp presenteert staat dat alternatieve ‘geneeswijzen’ primair de verantwoordelijkheid zijn van de patiënt. De organisatie wil niet veel meer over het onderwerp kwijt. Behalve dan het advies, zoals op de meeste websites van fondsen te zien is, om in geen geval de reguliere zorg te mijden.

De Maag Lever Darm Stichting (MLDS) is minder voorzichtig. Haar standpunt: ‘De keuze van de MLDS voor regulier wetenschappelijk onderzoek wil niet zeggen dat zij alle alternatieve manieren van behandelen volstrekt afwijst (…) De MLDS is dan ook van mening dat de keuze voor een alternatieve behandeling in een aantal gevallen een aanvulling kan zijn en de kwaliteit van leven van patiënten kan verbeteren.’ 

Gezondheidsvoorlichter Marianne Rook licht dit toe: ‘Zoals wij verwoorden staan wij achter wetenschappelijk bewezen behandelingen, geven wij altijd aan wanneer er geen bewijs is, adviseren wij om elke behandeling altijd met de behandelend arts te bespreken en geven we aan dat alternatieve behandelingen soms schadelijk kunnen zijn. Patiënten en patiëntenverenigingen waarmee wij samenwerken hameren er steeds op alternatieve behandelingen te benoemen. Omdat we hen nadrukkelijk een stem willen geven noemen we alternatieve behandelingen steeds met bovenstaande mitsen en maren.’

‘Wetenschappelijk onderzoek is niet heilig. Veelal spreken resultaten elkaar tegen of worden er net niet significante resultaten gevonden en altijd is er sprake van gemiddelden over de groep – waarbij mogelijke individuele verschillen niet weergegeven worden. Soms komt het ook voor dat behandelingen die eerder als alternatief werden beschouwd later alsnog wetenschappelijk bewezen worden, dus soms is er gewoon nog niet voldoende of niet voldoende kwalitatief goed onderzoek beschikbaar. Uiteraard zijn wij op de hoogte van placebo effecten en benoemen die ook zodanig in verschillende uitingen. Maar waarom zouden alle reguliere behandelingen die een patiënt heeft uitgeprobeerd geen placebo effect hebben, en die ene alternatieve behandeling wel?’

Op de MLDS-website staat een pagina over het prikkelbare darm syndroom waar onder het kopje ‘andere behandelmethoden’ wordt verwezen naar acupunctuur, yoga, orthomoleculaire therapie en osteopathie. MLDS stelt dat mensen die aan het syndroom lijden daar mogelijk baat bij hebben. 

Dit is echter zeer onwaarschijnlijk. Orthomoleculaire therapeuten beweren met natuurlijke middelen ‘optimale concentraties’ voedingsstoffen in iemands lichaam te kunnen bewerkstelligen. De therapeuten adviseren patiënten hoge doseringen vitamines en mineralen te slikken. Ze adviseren vaak ‘megadoseringen vitamines’ die de aanbevolen dagelijkse hoeveelheden (ADH) overschrijden. Dit zou gezondheidsklachten verminderen of zelfs verhelpen, claimen ze.

Het Voedingscentrum waarschuwt hier echter voor: ‘Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt niet dat orthomoleculaire therapie helpt bij het verminderen van klachten of genezen van ziekten. Bovendien kunnen supplementen met hoge doseringen antioxidanten, zoals bètacaroteen en vitamine E, het risico op kanker mogelijk vergroten.’ Begin jaren 70 verwees de American Psychiatric Association een orthomoleculaire aanpak al naar het rijk der fabelen

Inwendig manipuleren

En ook van osteopathie valt niets te verwachten. Behandelaren claimen dat de therapie het zelfgenezend  vermogen van het lichaam bevordert. Een osteopaat werkt met zijn of haar handen. Daarmee voelen zij blokkades en bewegingsbeperkingen in het lichaam. Die worden vervolgens door middel van manipulaties en stimulaties weggewreven. Sommigen beweren zelfs dat zij ‘gezakte’ organen kunnen terugleggen. De handelwijze is meestal zachtzinnig; de uitgeoefende druk is vaak zo laag dat zelfs een eierschaal niet zou breken. Onschuldig is de therapie echter niet. Zo wordt het inwendig manipuleren van intieme zones niet geschuwd. Ook borstknijpen komt geregeld voor.

Geconfronteerd met de teksten over orthomoleculaire therapie en osteopathie reageert Rook van de MLDS: ‘We zijn het met u eens dat we in dit specifieke geval wat karig geweest zijn met onze voorbehouden. We geven aan dat er geen wetenschappelijk bewijs is, maar waarschuwen echter niet voor mogelijke schadelijke gevolgen, noch adviseren we deze behandelingen alleen in overleg met de behandelend arts uit te proberen. We zullen dit aanvullen.’

Stichting MS Research (Multiple sclerose) moedigt patiënten aan om zelf onderzoek naar alternatieven te doen. Ze moeten het antwoord vinden op de volgende vragen: Wat houdt de behandeling in? Hoe en waarom wordt deze verondersteld te werken? Hoe effectief is deze behandeling? Wat zijn de risico’s? Wat zijn de kosten?

Toch kan het lastig zijn om de weg te vinden in de ongebreidelde informatiestroom op internet. Het alternatieve circuit is zelden terughoudend met het verspreiden van ongefundeerde claims. Draagkrachtige kwakzalvers kopen advertentieruimte bij online zoekmachines, zodat ze snel gevonden worden. Wie in Google bijvoorbeeld zoekt naar ‘alternatieve behandeling MS’ komt op de eerste pagina al terecht bij een artikel over hoe natuurlijke voeding MS kan genezen, een aanpak waarvoor geen wetenschappelijk bewijs is en die formeel als kwakzalverij moet worden beschouwd. 

Energetische luchtmassage

Het Diabetes Fonds, dat wetenschappelijk onderzoek financiert en voorlichting geeft, houdt zich ook op de vlakte. ‘Het is belangrijk om je gezonde verstand te gebruiken’, lezen we daar en ‘iets wat te mooi klinkt om waar te zijn, is meestal ook gewoon niet waar’. Om te adviseren: ‘Gebruik alternatieve geneeswijzen alleen aanvullend en nooit in plaats van je normale behandeling.’

Bij Alzheimer Nederland pakken ze het gedegener en serieuzer aan. In een serie over alternatieve medicijnen vertellen zij patiënten over de wetenschappelijke werkelijkheid achter allerlei wondermiddelen. Ginko biloba, groene thee, kokosolie, kurkuma, vitamines en voedingssupplementen, wiet/cannabis en wietolie passeren de revue en worden op basis van wetenschappelijke literatuur afgeserveerd. ‘Dat kokosolie een positief effect heeft, is onwaarschijnlijk, het lijkt onwaarschijnlijk dat kurkuma een groot effect heeft op de ziekte van Alzheimer’, zijn enkele conclusies van het fonds.

En ook het vaak aangehaalde Bredesen-protocol (van de Amerikaanse neuroloog Dale Bredesen, veel bewegen, weinig koolhydraten eten, ketogeen dieet, voedingssupplementen en stressreductie door bijvoorbeeld yoga) dat claimt alzheimer te voorkomen en dementie te genezen, wordt met de grond gelijk gemaakt. ‘Het is zeer onwaarschijnlijk dat het Bredesen-protocol werkzaam is tegen dementie of ter preventie van dementie.’

Ook KWF Kankerbestrijding is duidelijk: zij zegt dat kanker alleen vastgesteld en behandeld kan worden met methoden die voldoen aan de eisen van de internationale medische wetenschap. De organisatie waarschuwt: ‘Sommige alternatief werkende behandelaars ontkennen de eerder in het ziekenhuis vastgestelde diagnose. Neem hierover contact op met uw arts. U kunt ook de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) inschakelen.’ Er wordt verwezen naar een checklist met zaken waar patiënten op moeten letten als ze – ondanks alle waarschuwingen – het alternatieve pad willen bewandelen.

Het KWF stelt dat zij geen onbewezen behandelingen financiert. Deze bewering verdient een kanttekening. De stichting is namelijk eveneens eigenaar en beheerder van de website kanker.nl. Op deze site zijn teksten te vinden die tot stand zijn gekomen met hulp van het Van Praag Instituut in Utrecht: een organisatie die sinds 1992 lesgeeft in energetische luchtmassage.

Dankzij de inmenging van het instituut wordt er kritiekloos bericht over zaken als haptonomie en therapeutic touch, een soort handoplegging. Er zijn op de site links te vinden naar de Nederlandse Vereniging voor Acupunctuur, CAM Cancer en Register Beroepsbeoefenaren Complementaire Zorg. Eerder dit jaar kwam de samenwerking met het instituut al ter sprake in een artikel op de VtdK-website. Woordvoerder Mischa Stubenitsky liet begin dit jaar weten dat KWF geen stappen onderneemt tegen dubieuze teksten op haar website kanker.nl.

gerben

Gerelateerde artikelen

artikelen - 18 september 2020

KWF Kankerbestrijding is met het Nij Smellinghe ziekenhuis en prof A.W. Hoes (UMCU) genomineerd voor de Meester Kackadorisprijs 2020.

artikelen - 20 augustus 2020

Het KWF, Leerpunt KOEL, Prof A.W. Hoes zijn onder meer genomineerd voor de Meester Kackodorisprijs 2020.

page - 30 december 2008

Oud-bestuurslid dr. Lenze Meinsma overleed op 19 december op 85-jarige leeftijd. Hij was behalve de eerste strijder tegen het roken ook een visionair die de Vereniging tegen de Kwakzalverij redde.