Acupunctuur, Qigong en Traditionele Chinese Geneeskunde

Met toestemming overgenomen van www.quackwatch.com
Oorspronkelijke titel: Be Wary of Acupuncture, Qigong, and “Chinese Medicine”
Dit artikel werd herzien in september 2001.
Vertaling en bewerking: D.J.J. ter Haar.

“Chinese geneeskunde” ook wel aangeduid als “Oosterse geneeskunde” of “Traditioneel Chinese Geneeskunde” (TCG) omvat een groot gebied van op mystiek berustende volksgeneeskundige gebruiken. Men neemt hierbij aan, dat de vitale energie van het lichaam (chi of qi genaamd, spreek uit tsji) door kanalen circuleert, die meridianen worden genoemd, die dan weer vertakkingen hebben naar de organen van het lichaam en de functies daarvan. Ziekte wordt toegeschreven aan het uit balans zijn of onderbreking van chi. Van oude behandelwijzen, zoals acupunctuur, qigong en het gebruik van verschillende kruiden wordt dan aangenomen dat die de balans weer kunnen herstellen.

De traditionele acupunctuur, zoals die tegenwoordig wordt bedreven, behelst het inbrengen van roestvrij stalen naalden in verschillende gebieden van het menselijk lichaam. Ook kan laag-frequente elektrische stroom via de naalden worden toegediend om grotere stimulatie te bewerkstelligen. Nog andere procedures kunnen afzonderlijk of tegelijkertijd met acupunctuur worden toegepast, waaronder: moxabehandeling (het verbranden of laten versmeulen van op de huid aangebrachte kruiden, zoals bijvoet), injectie van steriel water, procaïne, morfine, vitamines of homeopathische oplossingen via de ingebrachte naalden; toepassing van laserstralen (laserpunctuur); het plaatsen van naalden in de oorschelp (auriculopunctuur); en acupressuur (waarbij manuele druk wordt uitgeoefend). Behandeling wordt toegepast op de zogenoemde “acupunctuurpunten” waarvan men zegt dat deze over het gehele lichaam verspreid liggen. Oorspronkelijk waren er 365 van dergelijke punten, corresponderend met de dagen van het jaar, maar het aantal door de voorstanders vastgestelde punten is in de loop van de jaren tot wel 2000 gestegen (1). Sommige behandelaars plaatsen de naalden in of in de buurt van de plaats van de ziekte, terwijl anderen weer plaatsen kiezen bij de basis van de symptomen. In de traditionele acupunctuur wordt meestal een combinatie van punten gebruikt.

Ook van qigong wordt beweerd dat het de stroming van de “vitale energie” kan beïnvloeden. Inwendige qigong houdt zich bezig met diep ademhalen, concentratie en ontspanningstechnieken die individueel zelf worden gebruikt. Externe qigong wordt bedreven door “qigongmeesters”, die beweren een grote verscheidenheid aan ziekten te genezen met energie die ze uit hun vingertoppen laten komen. Wetenschappelijk onderzoek bij Qigongmeesters in China heeft evenwel bij hen geen bewijs voor paranormale krachten kunnen aantonen, wel van bedrog. Zo vonden zij bijvoorbeeld dat een patiënte die op ruim twee meter van een qigongmeester op een tafel lag, ritmisch bewoog of met haar lichaam schokte, wanneer de meester zijn handen bewoog. Maar toen zij zodanig was neergelegd dat zij de meester niet meer kon zien, hadden haar bewegingen geen enkele relatie meer met die van de meester (2). Falun Gong, dat nu in China verboden is, is een variant van qigong waarvan wordt beweerd dat het een “krachtig mechanisme is voor genezing, stress-vermindering en gezondheidsverbetering”.

De meeste acupuncturisten staan achter de traditionele Chinese opvattingen over gezondheid en ziekte en beschouwen acupunctuur, kruiden-geneeskunde en aanverwante praktijken als een waardevolle aanpak van het gehele gamma van ziekten. Anderen verwerpen deze tradionele opvatting en claimen voornamelijk dat acupunctuur een eenvoudige methode is om vermindering van pijn te bewerkstelligen. De diagnostische methoden die in de TCG worden gehanteerd kunnen de ondervraging van de patiënt omvatten (medische voorgeschiedenis, leeefgewoonten), evenals het waarnemen (huid, tong en kleur), het beluisteren van de ademhaling en onderzoek van de pols. Zes polskwaliteiten, die dan correleren met verschillende organen en lichaamsfuncties, worden aan elke pols onderzocht om vast te stellen welke meridianen “deficiënt” zijn in chi. De medische wetenschap erkent maar één pols, nl. die in verband staat met de hartslag en die gevoeld kan worden aan het polsgewricht, de hals, op de voetrug en verschillende andere plaatsen van het lichaam. Bepaalde acupuncturisten beweren dat de elektrische eigenschappen van het lichaam uit balans kunnen raken al weken en zelfs maanden voordat de symptomen duidelijk worden. Deze behandelaars houden staande dat acupunctuur toegepast kan worden wanneer de patient alleen maar aangeeft “zich niet zo goed te voelen”, zonder dat er duidelijk sprake is van ziekte.

TCG (als ook de volks-geneeskundige praktijken van diverse andere Aziatische landen) is een regelrechte bedreiging van bepaalde diersoorten. Zwarte beren bijvoorbeeld – gezocht vanwege hun galblaas – zijn vrijwel uitgeroeid in Azië, maar ook het stropen van zwarte beren in Noord Amerika is een groeiend probleem.

Dubieuze beweringen
De lichamelijke bezwaren waarvan wordt beweerd dat ze reageren op acupunctuur omvatten chronische pijn (nek, rug, migraine en andere hoofdpijn), pijn als gevolg van een direct lichamelijk letsel (verrekkingen, spierspanningen en gescheurde banden), maag-darm problemen (maagzweer, obstipatie en diarree), hart- en vaatproblematiek (te hoge of te lage bloeddruk), urogenitale problemen (onregelmatige menstruatie, frigiditeit, impotentie), spier- en zenuwafwijkingen (verlamming, doofheid), gedragsproblematiek (te veel eten, verslaving aan drugs of alcohol, roken). Bewijzen, die deze claims zouden moeten ondersteunen berusten evenwel voornamelijk op de waarnemingen van de behandelaars en slecht opgezette studies. In een gecontroleerd onderzoek werd aangetoond dat elektroacupunctuur (acupunctuur met naalden die onder elektrische spanning staan) van het oor niet werkzamer was tegen chronische pijn dan placebo-stimulus (een lichte aanraking)(3). In 1990 analyseerden drie Nederlandse epidemiologen 51 gecontroleerde onderzoeken m.b.t. acupunctuur bij chronische pijn en concludeerden dat “de kwaliteit van zelfs de betere onderzoeken middelmatig bleek te zijn…..De doelmatigheid van acupunctuur in de behandeling van chronische pijn blijft twijfelachtig.” (4). Zij onderzochten eveneens de verslagen over het gebruik van acupunctuur ter behandeling van verslaving aan sigaretten, heroïne en alcohol maar moesten tot de conclusie komen dat de bewering dat acupunctuur werkzaam zou zijn als therapie voor deze indicaties niet gestaafd werd door valide klinisch onderzoek. (5).

Anaesthesie met behulp van acupunctuur wordt in de chirurgie in het Verre Oosten niet in die mate toegepast die de voorstanders willen doen geloven. De artsen in China selecteren door voorafgaand onderzoek welke patiënten er wel of niet geschikt voor zijn. Acupunctuur wordt niet toegepast bij ongevals- en spoedchirurgie en indien toegepast dikwijls ondersteund met lokale anaesthesie of narcoleptica.(6).

Hoe acupunctuur pijn zou kunnen verminderen is onduidelijk. In de ene theorie wordt verondersteld dat de pijnprikkels worden geblokkeerd bij de “poortjes” van het ruggemerg of de hersenen, zodat ze deze gebieden niet kunnen bereiken. Een andere theorie veronderstelt dat acupunctuur het lichaam aanzet tot het produceren van een soort verdovende stoffen, die endorfines genoemd worden. Weer anderen veronderstellen dat placebo-effecten, suggestieve beïnvloeding (hypnose) en de culturele achtergrond belangrijke factoren zijn. Melzack en Wall schrijven dat door acupunctuur verminderde pijn ook bewerkstelligd kan worden door vele andere vormen van sensorische overstimulatie, zoals elektriciteit en warmte op acupunctuurpunten en op andere plaatsen van het lichaam. Zij concluderen dat “de werkzaamheid van al deze vormen van prikkeling een aanwijzing is dat acupunctuur geen magische procedure is, maar slechts één van de vele manieren is om pijn te verminderen door het toedienen van een intensieve sensorische prikkel”. In 1981 gaf de American Medical Association Council on Scientific Affairs als zijn mening te kennen dat pijnvermindering niet constant of reproduceerbaar plaats vindt en bij sommige mensen zelfs helemaal niet werkt (7).

In 1995 stelde George A. Ulett, M.D., Ph.D., klinisch hoogleraar in de psychiatrie aan de medische faculteit van de Universiteit van Missouri, dat “acupunctuur, ontdaan van zijn vage abstracte rim-ram, een tamelijk eenvoudige techniek wordt, die gebruikt kan worden als een methode van pijnbehandeling zonder farmaca”. Hij is van mening dat de traditionele Chinese variant in de eerste plaats een placebobehandeling is, maar elektrische prikkeling van 80 acupunctuurpunten bruikbaar is gebleken bij de behandeling van pijn (8).

De kwaliteit van het wetenschappelijk onderzoek naar TCG in China is bedroevend slecht geweest. Een recente analyse van 2938 onderzoekingen van klinisch onderzoek, waarvan in de Chinese medische tijdschriften verslag werd gedaan leverde de conclusie op dat uit het overgrote deel ervan geen conclusie kon worden getrokken. De onderzoekers stelden vast:

In de meeste klinische onderzoeken werd ziekte gedefinieerd en gediagnosticeerd volgens de conventionele geneeskunde; de resultaten werden beoordeeld aan de hand van objectieve of subjectieve maatstaven van de conventionele geneeskunde (of beide), dikwijls aangevuld met tradioneel Chinese methoden. Meer dan 90% van de klinische onderzoeken in niet-specialistische tijdschriften evalueerden behandelingen met kruiden, die nauw verwant waren met Chinese geneesmiddelen……
Hoewel de kwaliteit ten aanzien van de methode van onderzoek de laatste jaren is verbeterd blijven er nog veel problemen over. De wijze van randomisatie (dat is de methode volgens welke de proefpersonen worden toegewezen aan de behandelde groep, respectievelijk de controlegroep-vert.) werd dikwijls onvoldoende exact beschreven. Voor een (dubbel)blind ontwerp werd in slechts in 15% van de onderzoeken gekozen. Slechts in enkele studies bedroeg de grootte van de steekproef meer dan 300. Veel onderzoeken gebruikten als controle een behandeling met een andere Chinese behandelmethode waarvan de werkzaamheid dikwijls niet was geëvalueerd in gerandomiseerd gecontroleerde studies.
De meeste onderzoeken richtten de aandacht meer op de werkzaamheid op de korte of middenlange termijn dan op langetermijnresultaten. In de meeste onderzoek- resultaten werd geen verslag gedaan over de mate van medewerking van de proefpersonen en de volledigheid van het vervolgonderzoek. De werkzaamheid werd maar zelden in een kwantitatieve maat tot uitdrukking gebracht. De bedoeling om tot een analyse van de behandeling te komen werd nooit genoemd. In meer dan de helft werden er geen basisgegevens of gegevens van bijwerkingen vermeld. Veel onderzoeken werden weergegeven als korte rapportages. De meeste onderzoeken gaven kortweg als resultaat dat de behandelingen werkzaam waren, waaruit af te leiden valt dat er nogal eens sprake moet zijn van ‘publicatiebias’ (het verschijnsel dat onderzoekingen met een ongewenste uitkomst niet gepubliceerd worden-vert.);een gecomprimeerde analyse van 49 onderzoeken over acupunctuur bij de behandeling van hersenbloedingen bevestigde selectieve publicatie van positieve resultaten in dit indicatiegebied, waaruit niet anders valt te concluderen dan dat acupunctuur niet werkzamer is dan de controlebehandelingen (9).

Twee wetenschappers van de Universiteit van Heidelberg hebben een fopnaald ontworpen die het acupunctuuronderzoekers mogelijk maakt een beter opgezette, gecontroleerde studie uit te voeren. Het instrumentje is een naald met een stompe punt die zonder weerstand in het koperen handvaatje wegglijdt. Wanneeer de punt de huid raakt, krijgt de patient dezelfde sensatie als bij een acupunctuurnaald. Het zichtbare deel van de naald verdwijnt evenwel in het handvat, zodat het lijkt of de naald in de huid verdwijnt. Toen het instrumentje werd uitgetest bij vrijwilligers bemerkte niemand dat het niet de huid was binnengedrongen (10).

Er blijven risico’s bestaan.
Ondeugdelijk uitgevoerde acupunctuur kan de volgende ongewenste gevolgen veroorzaken: duizeligheid, lokale haematomen (als gevolg van het aanprikken van een bloedvat), pneumothorax, krampen, plaatselijke ontstekingen, hepatitis B (door onsteriele naalden), bacteriële endocarditis, contact-dermatitis en beschadiging van zenuwen. Betreffende de kruiden, die gebruikt worden bij acupunctuur bestaan geen normen aangaande veiligheid, sterkte of werkzaamheid. Er bestaat bovendien het gevaar dat een acupuncturist, die zijn diagnostiek niet baseert op wetenschappelijke basis, de diagnose van een gevaarlijke afwijking mist.

De bijwerkingen en ongewenste reacties van acupunctuur houden waarschijnlijk verband met de aard van de opleiding van de behandelaar. In een overzichtsartikel van 1135 Noorse artsen werden 66 gevallen van infectie, 25 gevallen van pneumothorax, 31 gevallen van toegenomen pijnklachten en 80 gevallen van andersoortige complicaties vermeld. In eeen soortgelijk onderzoek over 197 acupuncturisten, die meer geneigd waren directe complicaties te herkennen, resulteerde in 132 gevallen van flauwvallen, 26 gevallen van toegenomen pijn, 8 gevallen van pneumothorax en 45 anderssoortige complicaties. Daartegenover werd in een 5-jarig onderzoek aan een Japanse medische faculteit betreffende 76 acupuncturisten slechts 64 gevallen van complicaties vastgelegd (inclusief 16 vergeten naalden en 13 gevallen van bloeddrukdalingen van voorbijgaande aard) in 55.591 acupunctuur behandelingen. Er werden geen ernstige complicaties gerapporteerd. De onderzoekers concludeerden dat ongewenste bijwerkingen zelden voorkwamen bij medisch goed getrainde acupuncturisten (12).

In een recenter onderzoek werd door leden van de British Acupuncture Council (B.A.C.), die participeerden in twee prospectieve onderzoeken, geen ernstige bijwerkingen vermeld bij patienten die in totaal meer dan 66.000 behandelingen ondergingen (13,14). In een begeleidend commentaar van de B.A.C. wordt aangenomen dat in deskundige handen de kans op complicaties klein geacht moet worden (15). Aangezien evenwel harde data van nauwkeuriger gegevens ontbreken kunnen geen conclusies worden getrokken over de verhouding tussen risico’s en nut. Evenmin is er in deze onderzoeken rekening gehouden met de mogelijkheid van het stellen van de verkeerde diagnose.

Twijfelachtige maatstaven
In 1971 bereikte een acupunctuur-hausse de Verenigde Staten als gevolg van verhalen van verschillende Amerikaanse waardigheidsbekleders, die een bezoek hadden gebracht aan China. Allerlei ondernemers, zowel medische als niet-medische, begonnen met behulp van bloemrijke reclametechnieken klinieken, lezingen, demonstraties, cursussen en doe-het-zelfpakketten onder de aandacht van het publiek te brengen. Tegenwoordig beperken sommige staten (van de V.S.) de vergunning om acupunctuur te bedrijven tot artsen of tot anderen die onder directe supervisie van artsen werken. In ongeveer 20 staten mag acupunctuur bedreven worden door mensen die geen medische opleiding hebben gehad, zonder medisch toezicht. De FDA (de Food and Drug Association, aan wie in de V.S. o.a. de inspectie op medisch handelen en het toezicht op de geneesmiddelen is voorbehouden – vert.) heeft de acupunctuurnaalden als Klasse II medisch instrumentarium gekwalificeerd, artikelen voor eenmalig gebruik, toegestaan aan behandelaars die daartoe gemachtigd zijn (16). Acupunctuur valt niet onder Medicare (= het ziekenfonds in de V.S.; in Nederland wordt acupunctuur ook niet door het ziekenfonds vergoed, wel deels door enkele particuliere ziektekostenverzekeraars – vert.). Het nummer van maart 1998 van het Journal of the American Chiropractic Association bevatte een omvangrijk hoofdartikel waarin chiropractoren werden aangespoord zich te bekwamen in de acupunctuur, hetgeen, volgens een van de auteurs, hun visie op het behandelen zou kunnen verbreden (17).

De National Certification Commission for Acupuncture and Oriental Medicine (NCCAOM) heeft op eigen gezag diploma-eisen vastgelegd en enkele duizenden behandelaars gediplomeerd. Sedert november 1998 bestaat er in 32 staten (van de V.S.) wetgeving omtrent diplomering in de acupunctuur, waarvan er 29 NCCAOM maatstaven hanteren en bovendien een belangrijk gedeelte van hun scholing-, training- en examenvereisten. De door de acupuncturisten gehanteerde kwalificaties omvatten C.A. (certified acupuncturist = geregistreerd acupuncturist), Lic. Ac. (licensed acupuncturist = gediplomeerd ac.), M.A. (Master Ac) en O.M.D. (Doctor of Oriental Medicine). Enkele hiervan hebben een wettelijke betekenis maar dit houdt niet in dat daarmee het stellen van een juiste diagnose of het toepassen van de juiste behandeling is gegarandeerd.

In 1990 erkende het Amerikaanse Ministerie van Onderwijs dat wat nu het Accreditation Commision for Acupuncture and Oriental Medicine (NCCAOM) genoemd wordt als een instelling die erkenning kan verlenen. Een dergelijke erkenning is evenwel niet gestoeld op gevestigde wetenschappelijke waarden, maar op andere criteria. Ulett (Ph.D.,M.D.) gaf als zijn mening te kennen:

Diplomering van acupuncturisten is een wassen neus. Hoewel enkele van die gediplomeerden naïeve artsen zijn, zijn de meeste niet-medici, die alleen maar doktertje spelen en dit diploma gebruiken als een paraplu voor een hele verzameling van onbewezen New Age onzin-behandelingen. Ongelukkig genoeg zijn enkele ziekenhuizen en zelfs medische faculteiten gezwicht en stellen zij patiënten bloot aan dergelijke nepbehandelingen, terwijl deze patiënten eigenlijk behoefte hebben aan echte medische zorg.

De National Council Against Health Fraud kwam tot de volgende conclusie:

  • Acupunctuur is een onbewezen manier van behandelen.
  • De theorie ervan is gebaseerd op primitieve en verzonnen opvattingen over gezondheid en ziekte, die geen enkele relatie hebben met de tegenwoordige wetenschappelijke kennis.
  • Onderzoek in de afgelopen twintig jaren heeft geen enkele werkzaamheid van acupunctuur tegen welke ziekte dan ook aangetoond.
  • Waargenomen effecten van acupunctuur zijn waarschijnlijk toe te schrijven aan een combinatie van verwachtingen, suggestie, wisselwerkingen op de huid, conditionering en andere psychologische mechanismen.
  • De toepassing van acupunctuur dient uitsluitend plaats te vinden in wetenschappelijke studies.
  • Verzekeringsmaatschappijen dienen niet wettelijk verplicht te worden acupunctuur-behandelingen te vergoeden.
  • Licentie voor het uitoefenen van acupunctuur door niet-medici dient uitgebannen te worden.
  • Zij die overwegen acupunctuur te ondergaan, doen er verstandig aan hun situatie te overleggen met een arts met kennis van zaken, die er geen commercieel belang bij heeft.

Het NIH-debacle
In 1997 concludeerde een Concensus Development Conference die ondersteund werd door de National Institutes of Health (in Nederland vergelijkbaar met de GezondheidsRaad – vert.) en diverse andere organisaties dat er “voldoende aannemelijk bewijs bestond voor de waarde van acupunctuur om het gebruik ervan verder uit te breiden in de conventionele geneeskunde en verdere onderzoekingen naar de fysiologische en klinische waarde ervan aan te moedigen”. (20). De panelleden gaven aan dat de overheid en de verzekeraars het vergoeden van acupunctuur maar moesten verruimen, zodat meer mensen er toegang toe zouden krijgen. Deze conclusie was niet gebaseerd op het onderzoek dat werd verricht nadat de stellingname van de NCAHF was gepubliceerd. In tegendeel zelfs, want zij toonde de bevooroordeling aan van de panelleden, die waren geselecteerd door een commissie waarin hoofdzakelijk voorstanders van acupunctuur zitting hadden. De NCAHF-voorzitter Wallace Sampson, M.D. beschreef de conferentie als een “concensus van voorstanders, niet als een concensus van valide wetenschappelijke opvatting”.

Hoewel in het verslag enkele ernstige problemen werden beschreven, slaagde men er toch niet in deze in het juiste perspectief te plaatsen. Het panel erkende dat “het overgrote deel van de artikelen dat acupunctuur tot onderwerp had bestond uit casuïstiek of interventiestudies, waarvan de opzet van het ontwerp geen conclusies toeliet ten aanzien van de werkzaamheid” en dat “betrekkelijk weinig” als hoog te kwalificeren gecontroleerde onderzoeken zijn gepubliceerd over de werking van acupunctuur. Maar het rapporteerde dat “de Wereld Gezondheids Organisatie 40 afwijkingen had aangemerkt waarvoor acupunctuur geindiceerd zou kunnen zijn”. Deze zin had gevolgd moeten worden door de uitspraak dat deze lijst niet valide was.

Hoewel het consensusrapport de theoretische achtergrond van Chinese acupunctuur wel terloops ter sprake bracht, was het evenwel ernstiger dat men er niet in is geslaagd de vinger te leggen op de gevaren en de economische verspilling die gepaard gaan met het zich wenden tot genezers die geen juiste diagnosen kunnen stellen. Het rapport vermeldde:

  • De algemene theorie van acupunctuur is gebaseerd op de aanname dat er patronen van energiestromen (Qi) in het lichaam zijn, die voor de gezondheid essentieel zijn. Verstoring van deze stroom wordt verantwoordelijk geacht voor ziekte. De acupuncturist kan deze disbalans in de energiestroom corrigeren op herkenbare punten vlak onder de huid.
  • Acupunctuur richt meer de aandacht op een holistische, op energie gebaseerde benadering van de patient, dan op een ziektegerichte diagnose en behandeling.
  • Ondanks uitgebreide inspanningen de anatomie en de fysiologie van de “acupunctuur-punten” te doorgronden blijven de definitie en de karakterisering van deze punten contro- versieel. Nog ondoorgrondelijker is de wetenschappelijke grondslag van enkele basis- principes van de traditionele Oosterse geneeskunde, zoals de circulatie van Qi, het meridiaansysteem en de theorie van de vijf fasen, die moeilijk te verenigen zijn met de tegenwoordige stand van de biomedische wetenschap maar desondanks een belangrijke rol blijven spelen in de evaluatie van patienten en de aard van de toe te passen acupunctuur behandeling.

Het komt er eenvoudig gezegd op neer dat als je naar een behandelaar gaat die tradioneel Chinese geneeskunde bedrijft, je grote kans loopt dat er een onjuiste diagnose gesteld wordt. Toen ik in 1998 in een plaatselijk behandelcentrum een voordracht bij hem volgde, stelde een TCG-behandelaar bij mij een diagnose door mijn pols te voelen en mijn tong te bekijken. Hij vertelde me dat mijn pols “stress”-signalen vertoonde en mijn tong aangaf dat er sprake was van te dik bloed. Enkele minuten later onderzocht hij een vrouw die hij mededeelde dat haar pols ventriculaire extrasystolen vertoonde (een onregelmatigheid van het hartritme, die onschuldig kan zijn of wel betekenis kan hebben, afhankelijk of iemand een hartafwijking heeft). Hij gaf ons beiden de raad ons door hem met acupunctuur te laten behandelen, hetgeen neer zou komen op $ 90 per behandeling. Bij onderzoek van de pols van de desbetreffende vrouw bleek deze mij geheel normaal. Ik ben van mening dat het overgrote deel van de niet-medische acupuncturisten zich baseert op onjuiste diagnostische procedures. Het NIH-consensuspanel zou er goed aan hebben gedaan de ernst van dit probleem goed te benadrukken.

Voor aanvullende inlichtingen

  • CSIOP investigation of TCH and Pseudoscience in China
  • NCAHF Position Paper on Acuouncture

Referenties

  1. Skrabanek P. Acupuncture: Past, present and future. In Stalker D., Glymour C., editors. Examining Holistic Medicine. Amherst, NY: Prometheus Books, 1985.
  2. Kurtz P. Alcock J. and others. Testing psi claims in China: Visit by CSICOP delegation. Skeptical Inquirer 12:364 – 375, 1988.
  3. Melzack R., Katz J. Auricolotherapy fails to relieve chronic pain: A controlled crossover study. JAMA 251:1041 – 1043, 1984.
  4. Ter Riet G., Kleijnen J., Knipschild P., Acupuncture and chronic pain: A criteriea based meta-analysis. Clinical Epidemiology 43: 1191-1199, 1990.
  5. Ter Riet G., Kleijnen J., Knipschild P., A meta-analysis of studies into the effect of acupuncture on addiction. British Journal of General Practice 40:379-382, 1990.
  6. Beyerstein B.L., Sampson W., Tradional Medicine and pseudoscience in China: A Report of the Second CSICOP Delegation (Part1). Skeptical Inquirer 20(4):18-26,1996.
  7. American Medical Association Council on Scientific Affairs. Reports of the Council on Scientific Affairs of the American Medical Association, 1981. Chicago, 1982, The Association.
  8. Ulett G.A.. Acupuncture update 1984. Southern Medical Journal 78: 233-234, 1985.
  9. Tang J-L, Zhan S-Y, Ernst E. Review of randomised controlled trials of tradional Chinese medicine. British Medical Journal 319:160-161,1999.
  10. Streitberger K., Kleinhenz J. Introducing a placebo needle into acupuncture research. Lancet 352:364-365,1998.
  11. Norheim J.A., Fennebe V., Adverse effects of acupuncture. Lancet 345:1576, 1995
  12. Yamashita H. and others. Adverse events related to acupuncture. JAMA 280:1563-1564, 1998.
  13. White A. and others. Adverse events following acupuncture: Prospective surgery of 32.000 consultations withe doctors and physiotherapists. BMJ 323:485-486,2001.
  14. MacPherson H. and others.York acupuncture safety study: Prospective survey of 24.000 treatments by traditional acupuncturists. BMJ 323 486-487,2001.
  15. Vincent C. The safety of acupuncture. BMJ 323,467-468,2001.
  16. Acupuncture needle status changed. FDA Talk Paper T96-21, April 1,1996.
  17. Wells D. Think acu-practic: Acupuncture benefits for chiropractic. Journal of the American Chiropractic Association 35(3): 10-13,1998.
  18. Department of Education, Office of Postsecondary Education. Nationally Recognized Accrediting Agencies and Associations. Criteria and Procedures for Listing by the U.S. Secretary For Education and Current List. Washington, D.C., 1995, U.S. Department of Education.
  19. Sampson and others. Acupuncture. The position paper of the Nationjal Council Against Health Fraud. Clinical Journal of Pain 7:162-166, 1991.
  20. Acupuncture. NIH Consensus Statement 15(5), November 3-5,1997.
  21. Sampson W. On the National Institute of Drug Abuse Concensus Conference on Acupuncture. Scientific Review of Alternative Medicine 2(1): 54-55, 1998.

Nieuwsbrief

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.

Nederlands Tijdschrift tegen de Kwakzalverij

Schrijf je in en ontvang het Nederlands Tijdschrift tegen de Kwakzalverij (NTtdK).

Word lid east
Kwakzalverij