Onder professoren9 jun 2006 | C.N.M. Renckens | Laatste wijziging: 24 jul 2010In de adviesraad van het alternatieve instituut IOCOB zitten een aantal hoogleraren die beter moesten weten.Vraag: Wat is de overeenkomst tussen prof.dr. L.M.Bouter, epidemioloog (VUmc), prof.dr. J.J.Jolles, neuropsycholoog (Univ. Maastricht), prof.dr. J.M.A. Lange, internist (AMC), prof.dr.E.Lindeman, revalidatiearts (Umc) en prof.dr. W.P. Vandertop, neurochirurg (AMC en VUmc)? Antwoord: zij allen maken deel uit van de Adviesraad van de Stichting Innovatief Onderzoek Complementaire Behandelvormen (IOCOB). Deze in juli 2004 opgerichte stichting kent o.a. de volgende drie bestuurders: prof.dr. Jan M. Keppel Hesselink (1953), neuroacupuncturist, David J. Kopsky, neuroacupuncturist (1975) en Antonin P. Kopsky (1953). De twee eersten bemannen ook het ORES Instituut voor Neuroacupunctuur te Soest, waar men zich toelegt op acupunctuurbehandeling van neurologische ziekten. De IOCOB geeft 'onafhankelijke' voorlichting en het ORES Instituut behandelt. Zo zit dat. De lijst van geschikt bevonden aandoeningen telt onder meer: MS, beroerte, kanker, Parkinson, posttraumatische dystrofie, spasticiteit, ruggenmergsletsel, migraine, spierziekten, tenniselleboog en chronische pijn. Men tracht zijn klantenkring uit te breiden door relevante patiëntenverenigingen te verzoeken op hun eigen sites naar de website van IOCOB te linken. Men beroept zich daarbij vol trots op de 'tophoogleraren uit de reguliere geneeskunde' in de Adviesraad. Het bestuur van de Stichting Anorexia en Boulimia Nervosa rook onraad, temeer daar er in het bestuur van de Stichting IOCOB opvallend sterke familiebanden bleken te bestaan (tweemaal bestuursleden met dezelfde naam en twee andere wonend op hetzelfde adres). Men besloot toch maar niet met deze club met zijn onuitsprekelijke naam in zee te gaan. Of de genoemde hoogleraren echte tophoogleraren zijn, dat weten wij niet (wie bepaalt dat?), maar men kan zich afvragen hoe grondig zij zich in het gedachtegoed van de beide acupuncturisten hebben verdiept. Zouden zij bijvoorbeeld de afstudeerscriptie ( 'De wondere wereld van tao, de oermeridianen en de embryogenese') van Kopsky junior hebben gelezen, waarmee hij zijn opleiding van de Nederlandse Artsen Acupunctuur Vereniging in april 2002 succesvol afsloot? Een citaat daaruit: 'De hoofdvraag van dit artikel is hoe de oermeridianen verbonden zijn met de embryogenese, onderzocht met de oosterse theorie en de westerse wetenschap. De oermeridianen ontstaan uit de Ming Men, de basis van alle energie in het lichaam, van waaruit zij het lichaam doorkruizen en de Jing circuleren. De oermeridianen grijpen aan op het diepste niveau van de mens, waardoor zij goed zijn te gebruiken bij structurele (constitutionele) problemen. Deze energiekanalen hebben algemene regulerende functies, waarmee de andere meridianen in balans worden gehouden.' Als de vijf tophoogleraren deze scriptie eens ter hand hadden genomen, dan zouden zij wellicht tot de conclusie zijn gekomen dat zij hun energiekanalen toch maar beter in een andere richting hadden kunnen aanleggen dan in de richting van de bossen van Soest. Je bent tophoogleraar of je bent het niet.
Deze column verscheen eerder op www.care4cure.nl Naschrift Naschrift juli 2010
NieuwsbriefDe Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.
|
GERELATEERDE ARTIKELENNIEUWSBRIEF AAN- OF AFMELDEN
De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site. Vul uw e-mailadres in en meld u aan!
|