G

Encyclopedie: Grafologie

Uit: Tussen Waarheid en Waanzin: een encyclopedie der pseudo-wetenschappen

30 apr 2009 | Van de Webredactie | Laatste wijziging: 28 aug 2010

Het afleiden van iemands karaktereigenschappen uit de eigenschappen van zijn of haar handschrift.


Grafologen letten op de vorm en stand van de letters, op de manier waarop woorden zijn samengesteld en de regels verlopen, en op de paginaindeling. De interpretatie daarvan ligt voor een groot deel voor de hand: klein schrijven is een teken van bekrompenheid, grote halen duiden op exuberantie, lange lussen naar beneden zijn penissen et cetera.

Het systeem dateert uit dezelfde tijd als andere, volstrekt verdwenen systemen om iemands karakter 'af te lezen', zoals de *fysiognomiek en de *metoposcopie. De (voorzover bekend) eerste grafoloog was de Italiaanse arts Camillo Baldi (1547-1634) die hierover in 1622 een boek schreef. Zijn systeem werd tweeënhalve eeuw later gepopulariseerd door abbé Jean-Hippolyte Michon (1806-1881), auteur van Système de graphologie (1875). Met name Duitse grafologen beschouwen Ludwig Klages (1872-1956) echter als de grondlegger van hun kunst.

Studies naar de waarde van de grafologie vallen vrijwel altijd negatief uit. Het eerste werd in 1906 door *Binet gedaan, naar aanleiding van de Dreyfus-affaire. Dreyfus was mede veroordeeld op grond van een grafologisch rapport. Binet stelde vast dat ervaren grafologen zelfs een eenvoudig verschil als man-vrouw nauwelijks beter kunnen aanwijzen dan volstrekte leken. Ook bij het aanwijzen van een serie brute moordenaars te midden van brave burgers brachten de beroepsgrafologen het er bedroevend af: nauwelijks beter dan de kansverwachting.

Desondanks was de grafologie tot voor enige decennia in vrijwel geheel West-Europa een zeer gebruikelijke methode om bijvoorbeeld sollicitatiebrieven te beoordelen. (In Frankrijk en Israël wordt grafologie nog steeds regelmatig daarvoor gebruikt.) In Nederland is zij in diskrediet geraakt door het proefschrift uit 1963 van A. Jansen, Validation of graphological judgments. Jansens onderzoek vormde in zekere zin het keerpunt van een controverse tussen de 'geesteswetenschappelijke' benadering van de psychologie en de meer zakelijke 'empirisch-analytische', waarbij de laatste won. Begin jaren '50 maakte 75% van de Nederlandse bedrijven van grafologie gebruik, maar in 1987 was dat nog maar 8%, en vijf jaar daarna was dat percentage weer aanzienlijk gedaald, als men afgaat op personeelsadvertenties waarin om handgeschreven sollicitatiebrieven werd gevraagd. De psycholoog M.E. ten Berge schreef een afstudeerscriptie (1987) over grafologie. Hij kon wel een paar kleine verschillen vinden tussen mensen met sterk verschillende handschriftkenmerken, maar deze verschillen waren niet van praktisch belang. Waar het om gaat is of de grafoloog meer aan het handschrift kan zien dan een leek. Er is weinig ervaring voor nodig om het handschrift van een gepensioneerde huisarts van dat van een jonge lerares bij het basisonderwijs te onderscheiden. Bij sollicitaties heeft men echter te maken met kandidaten waartussen op grond van opleiding en ervaring niet gemakkelijk te kiezen valt.

Voor het beoordelen van mensen is het niet genoeg dat men iets vaker dan de kansverwachting goed raadt, zeker als men pretendeert over speciale middelen te beschikken die zo'n oordeel betrouwbaar maken.

Literatuur
Beyerstein, B.L. en D.F., The write stuff. Buffalo, 1992.
Dehue, T., De regels van het vak. Amsterdam, 1990.
Draaisma, D., De geest in getal. Amsterdam/Lisse, 1988.

Uit: Tussen Waarheid en Waanzin: een encyclopedie der pseudo-wetenschappen, door Marcel Hulspas en Jan Willem Nienhuys (vierde herziene druk, De Geus, 2002).

Naschrift september 2009
Aan deze literatuur kan nog worden toegevoegd:
D.J. Zeilstra, Grafologie. De bladspiegel van de ziel, op de site van Skepsis.
Jan Willem Nienhuys, Zwart op wit: Grafologen en personeelswerving. Skepter 6(4) (december 1993), 5-7.

Er bestaat of bestond ook grafotherapie (anders dan 'netjes leren schrijven'). Men raadplege daarvoor een tweedehands verkrijgbaar boek van de astroloog Jack F. Chandu (pseudoniem van Jack F. van Swieten, 1925-1994). De Franse  schrijfster Marguerite de Surany schreef Astrologie médicale (1988, Engelse vertaling 1990). Haar systeem combineert lichaamsenergie, diverse soorten schrift (Engels, hiërogliefen, Hebreeuws) met meridianen (*acupunctuur) en Chinese astrologische geneeskunde en *tarot om zo diagnosen te stellen. 

 

 

GERELATEERDE ARTIKELEN

NIEUWSBRIEF AAN- OF AFMELDEN

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site. Vul uw e-mailadres in en meld u aan!
Uw e-mailadres: 
Aanmelden Afmelden