De wetenschappelijke doopceel van dr. Jan Keppel Hesselink

Geen echte farmacoloog en nauwelijks publicaties

25 dec 2008 | Rob Koene, Frits van Dam en Jan Willem Nienhuys | Laatste wijziging: 29 okt 2010

Bij Witten/Herdecke heeft Keppel Hesselink niets naspeurbaars op onderzoeksgebied gepresteerd en daarbuiten is zijn wetenschappelijke productie uiterst mager en ver onder het minimumvereiste voor een hoogleraarschap aan een echte universiteit.


Psychoactieve planten:
het onderzoek waar niets uitkwam
Keppel Hesselink schildert zichzelf af als hoogleraar (aan de Universiteit van Witten Herdecke) en als farmacoloog. Hij schrijft bijvoorbeeld op zijn IOCOB-website:

'In de periode 1992-1995 ontwikkelde hij (JKH) aan de Universiteit van Witten de blauwdruk van de post-doc opleiding Pharmaceutical Medicine. Hij werd in 1996 benoemd als buitengewoon hoogleraar moleculaire farmacologie, aan de Universiteit van Witten/Herdecke in Duitsland, binnen de faculteit voor natuurwetenschappen, met het recht om promovendi te begeleiden ('ius promovendi', geldend in Duitsland en ook in Nederland). Zijn benoeming werd o.a. vermeld in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG). Sinds 2007 is hij verbonden aan het instituut voor klinische farmacologie van dezelfde universiteit. Momenteel is hij daar verantwoordelijk voor de invulling van het onderwijs in de psychofarmacologie voor de medische studenten.'

 

De werkelijkheid

Toen wij in het voorjaar van 2008 op zoek naar hem gingen op de website van de Universiteit van Witten/Herdecke, konden wij zijn naam niet vinden in de lijst van hoogleraren en ook nergens op andere plaatsen. Alleen in het toen laatst (!) beschikbare jaarverslag 1998-2000 van de faculteit Natuurwetenschappen stond dat hij als 'Wissenschaftliche Mitarbeiter/innen' als Prof.dr. verbonden was aan het instituut voor Farmacologie en Toxicologie, afdeling Moleculaire Farmacologie. Hij leidde daar één onderzoeksproject getiteld: 'Ethnopharmakologische Untersuchungen über β-Carboline und DMT enthaltende psychoaktive Pflanzen'. Geplande looptijd van het project: 1999 tot naar verwachting eind 2004. Onderwerp waren de culturele en farmacologisch-toxicologische aspecten van het gebruik van een aantal psychoactieve planten bij bewoners van het Peruviaanse Amazonegebied. De bekendste Peruviaanse planten die β-Carboline en/of DMT bevatten zijn natuurlijk de Banisteriopsis caapi, en Psychotria viridis (zie afbeelding) waarvan de Ayahuasca gemaakt wordt, een thee die het sacrament van de Santo Daime-religie is. Resultaten van dit onderzoek zijn in de wetenschappelijke literatuur niet te vinden. Het jaarverslag vermeldt één publicatie van JKH uit 1999: Surfen mit Nebenwirkungen: Probleme rundum die Smartdrugs, Deutsche Medizinische Wochenschrift 124, 707-710. Deze publicatie staat niet in PubMed. In de inmiddels gepubliceerde recentere jaarverslagen (Tätigungsberichte), 1999/2000, 2001/2002, 2003/2004, 2005/2006, 2006/2007 komt de naam Keppel Hesselink nergens voor.

 

Opleiding en publicaties

Keppel Hesselink is medisch bioloog, basisarts en gepromoveerd op een onderwerp uit de geschiedenis van de geneeskunde over de ziekte van Parkinson. Hij heeft gedurende een of twee jaar de opleiding voor het specialisme neurologie gevolgd in Utrecht, maar deze opleiding heeft hij in onderling overleg met zijn opleider gestaakt.

In de wetenschappelijke database Pubmed vinden wij met het trefwoord Keppel Hesselink in totaal 30 publicaties, waarvan 19 in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde en één in het Pharmaceutisch Weekblad. Zijn eerste publicatie verscheen in 1983, de twee voorlaatste in 1998 en 1999. Daarna is er alleen nog een ingezonden brief die in 2005 verscheen in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, waarin hij uitlegt dat er geen bewijs is dat acupunctuur werkzaam is bij migraine.

Als we zoeken naar zijn publicaties op het wetenschapsgebied van de moleculaire (neuro)farmacologie (naar zijn eigen zeggen zijn specialisme), vinden we geen enkele publicatie op dit terrein. Er zijn wel 3 studies over het kalmeringsmiddel ipsapiron verschenen in 1993 (uit het Institute for Psychopharmacology Research, San Diego), in 1995 (uit het Philadelphia College of Pharmacy) en in 1998 (uit Miles Inc. New Haven), maar dit zijn klinische studies en geen moleculair-farmacologische. Bovendien is hij bij geen enkele publicatie eerste of laatste auteur, maar staat hij vermeld als respectievelijk derde, vijfde en voorlaatste, en vierde en voorlaatste auteur. Hij werkte in die periode bij de firma Bayer, de producent van ipsapiron en staat er vrijwel zeker bij als mede-auteur, omdat Bayer de financier was van deze studies. In buitenlandse bladen zijn nog drie geschiedkundige artikelen verschenen over de ziekte van Parkinson (het onderwerp van zijn proefschrift uit 1986) en vier ingezonden brieven over verschillende onderwerpen. In totaal dus 10 publicaties.

Bij de 20 publicaties in Nederlandse tijdschriften gaat het om 9 ingezonden brieven, 7 artikelen over de geschiedenis der geneeskunde, 1 literatuuroverzicht over dihydroepiandrosteron (DHAE of prasteron, een voedingssupplement met vele geclaimde toepassingen, onder andere als afslankmiddel), 2 bijdragen over good clinical practice en 1 feuilleton over smart drugs.

Ten slotte, hij is mede-auteur (met IOCOB-medewerker David Kopsky) van een boek over acupunctuur getiteld Met het het oog op de naald: acupunctuur en de fundamenten van de geneeskunde, in april 2008 verschenen bij uitgeverij Ankh-Hermes, een uitgeverij die zich specialiseert in spirituele en esoterische lectuur, die bijvoorbeeld boeken van mevrouw Sickesz en Deepak Chopra uitgeeft en ook het onkritische handboek van Paul van Dijk over alternatieve geneeswijzen. Een dergelijke publicatie kan in de verste verte niet tellen als wetenschap. In feite laat iemand die bij Ankh-Hermes publiceert, daarmee weten dat hij of zij alle wetenschappelijke pretenties heeft opgegeven. Op de Ores-website vindt men overigens (bij 'Wie zijn wij?') nog circa veertig artikelen over acupunctuur in diverse niet-wetenschappelijke tijdschriften, maar die gaan geen van alle over moleculaire farmacologie.

 

Samenvatting

1. De wetenschappelijke productie van JKH bestaat grotendeels uit ingezonden brieven en artikelen over de geschiedenis der geneeskunde, en na 1999 niets meer over reguliere geneeskunde.

2. Blijkens zijn publicaties heeft hij nooit zelfstandig medisch wetenschappelijk onderzoek verricht en met name niet op het terrein van de moleculaire farmacologie. Hij wekt ten onrechte de indruk dat hij medisch onderzoeker is.

Naschrift oktober 2010

Keppel Hesselink is niet meer te vinden op de site van de universiteit Witten Herdecke behalve als auteur van het artikel uit 1999. In PubMed is er een artikel bijgekomen, over een zalf bij neuropathie.

 

Nieuwsbrief

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.

 

 

 

 

 

 

GERELATEERDE ARTIKELEN

NIEUWSBRIEF AAN- OF AFMELDEN

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site. Vul uw e-mailadres in en meld u aan!
Uw e-mailadres: 
Aanmelden Afmelden