Nieuwe middelen tegen kanker bewust achter gehouden?

17 feb 2002 | Steven Novella, M.D. | Laatste wijziging: 8 apr 2009

Met toestemming overgenomen van www.quackwatch.com
Vertaling en bewerking: Dirk J.J. ter Haar.

Het is typerend voor kwakzalvers de beschuldiging te uiten dat de medische beroepsgroep, de farmaceutische industrie, de voedingsmiddelenindustrie, de ministeries en/of anderere "gevestigde belangengroepen" samenspannen tegen de "natuurlijke" behandelingen van kanker.
Deze complot-theorie is evenwel nog nooit bewezen.
Toch zijn er veel patiŽnten Ė vooral degenen die geen baat kunnen vinden bij de standaardbehandelmethoden Ė die wel begrip kunnen opbrengen voor die kleine maar vastberaden groep opstandigen, die de gevestigde medische orde aan het tarten is door wel natuurlijke behandelingen beschikbaar te stellen. En wanhopige patienten vinden meer troost bij de gedachte dat er behandelmethoden worden achtergehouden dan dat hun toestand uitzichtloos is.

De complottheorieŽn hebben gewoonlijk twee scenario's. In de ene wordt gesteld dat de tegenpartij bang is voor concurrentie. In de andere wordt beweerd dat zo'n nieuw ontdekte behandelmethode door de gevestigde orde bewust buiten de bekendheid wordt gehouden. Geen van beide opvattingen is steekhoudend.

De medische gevestigde orde is geen enkelvoudig begrip. De gezondheidszorg omvat artsen, verpleegkundigen, paramedici (zoals fysiotherapeuten, diŽtisten, logopedisten, audiologen, podologen, etc.), tandartsen, gezondheidszorg-verzekeraars, organisaties van patientenbelangen, de medische faculteiten van de universiteiten, de beroepsorganisaties van artsen, de vakgroepen van de medisch specialisten, ziekenhuizen, farmaceutische industrieŽn, de Gezondheidsraad, het Nederlands Gezondheids Instituut, de Ziekenfondsraad, de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter Bevordering van de Geneeskunst, de kruisorganisaties en nog vele andere.
De genoemde groeperingen kunnen tegenstrijdige belangen hebben; en, binnen elke groepering, kunnen individuŽn zelf weer tegenstrijdige belangen hebben. Velen hebben geen financieel belang in patiŽntenzorg. Sommige artsen worden betaald voor elke individuele patiŽnt die ze behandelen, maar anderen weer niet. Degenen die een academische loopbaan volgen krijgen een salaris of een subsidie uit een onderzoekfonds. Voor artsen die een vast salaris ontvangen betekent meer patiŽnten wel meer werk maar niet meer inkomen. Sommige artsen zijn werkzaam in de openbare gezondheidszorg en zien helemaal geen patiŽnten. En indien al een dure behandeling tegen kanker vervangen zou kunnen worden door een minder dure zouden de ziektekostenverzekeraars dit zeker verwelkomen.

De medici die waarschijnlijk het eerste op de hoogte komen van een nieuwe kankertherapie zijn de artsen/onderzoekers in de academische centra. Nieuwe mogelijk werkzame geneesmiddelen of manieren van behandelen komen gewoonlijk voort uit wetenschappelijke speurwerk, gebaseerd op laboratoriumonderzoek naar het onderliggende mechanisme van de betreffende ziekte. De bevindingen kunnen dan mogelijk een nieuwe weg aangeven, waarlangs een nieuwe therapie ontwikkeld kan worden. De farmaceutische industrie of onderzoekinstellingen zoals TNO of het RIVM (in Nederland) of de National Institutes of Health of het National Cancer Institute (in de VS) stellen dan gelden beschikbaar voor klinisch onderzoek, om te onderzoeken of zo'n nieuw potentieel middel inderdaad werkzaam is; eerst in dierproeven, later door onderzoek bij mensen. De uiteindelijke beoordeling berust in de VS bij de Food and Drug Administration (FDA), in Nederland bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (van het Ministerie van Volksgezondheid), die bepalen of het nieuwe middel veilig en werkzaam is voor het beoogde doel en op de markt gebracht mag worden. De meeste kankertherapie wordt bedreven door chirurgen en radiotherapeuten en internisten/oncologen die chemotherapie toedienen. Het merendeel van de artsen behandelt geen patiŽnten voor kanker.

Wat naders over de wetenschappers die een nieuwe behandelmethode ontdekken. Als zij werkzaamheid kunnen aantonen zal de publicatie van hun gegevens hen aanzien en financieel gewin kunnen brengen. De materiŽle en immateriŽle voordelen kunnen bestaan uit onderzoekbeurzen, academische promotie, verbeterde faciliteiten voor onderzoek, uitnodigingen om lezingen te houden, eer, onderscheidingen en verbeterde loopbaanmogelijkheden. Zelfs de wetenschappers die egocentrisch en hebzuchtig zijn, hebben veel te winnen bij het openbaar maken van hun bevindingen Ė en evenzeer geldt dat voor de instellingen waar zij werkzaam zijn.

En de farmaceutische industrie dan? Ligt het niet voor de hand dat zij in een nieuw middel een bedreiging zien van hun eigen bestaande product? Ook dit is een wijd verbreide insteek. Farmaceutische industrieŽn zijn voortdurend op zoek naar nieuwe geneesmiddelen, omdat de bestaande producten een patent hebben dat op een gegeven moment afloopt. Bovendien, iedere farmaceutische industrie die een middel op de markt kan brengen dat effectief is tegen kanker zal er miljarden dollars op vooruit gaan, ook als bestaande middelen daardoor in onbruik raken. Enkele aanhangers van een complottheorie beweren dat farmaceutische industieŽn bewust niets willen weten van "natuurlijke" producten, omdat ze er geen patent op kunnen nemen en om die reden geen winst mee kunnen maken. Als evenwel een "natuurlijke" stof bruikbaar zou blijken dan zou een farmaceutische industrie van zo'n stof gemakkelijk verwante stoffen kunnen afleiden die nog werkzamer zijn en waarop weer wel patent kan worden genomen.

Zelfs al zou een kortzichtige leiding van een farmaceutische industrie besluiten een nieuw middel achter te houden omdat het te effectief was, dan zouden de betrokken onderzoekers om geen andere reden dan het algemeen belang, de publiciteit gaan zoeken. Onder de tientallen mensen die over inside-informatie beschikken, zal er toch vast wel iemand zijn die zijn geweten laat spreken. De behoefte aan financiŽle steun van een farmaceutische industrie zou kunnen wegvallen door het verkrijgen van een subsidie van het National Cancer Institute. Bovendien, als de behandeling inderdaad werkzaam zou zijn, zouden later andere onderzoekers in staat kunnen zijn aan te tonen dat de betreffende behandeling wel degelijk kanker kan genezen. Dit is evenwel nog nooit bij enig zogenaamd "achtergehouden" middel tegen kanker aangetoond.

Aanhangers van de complottheorie beweren altijd dat als een eenvoudige en goedkope vervanging voor de huidige behandelingen vandaag gevonden zou worden, morgen alle instellingen van medische opleidingen in de V.S. op de rand van bankroet zouden gaan balanceren omdat de behandeling van kanker zo'n belangrijk deel van hun inkomen uitmaakt. Deze bewering heeft diverse zwakke punten:

  • een "eenvoudige en goedkope" vervanging van de huidige behandelingen is erg onwaarschijnlijk. Kanker is geen enkelvoudige ziekte, maar omvat meer dan honderd verschillende soorten. Geen enkele behandeling is werkzaam gebleken voor elke vorm van kanker en het is ook niet waarschijnlijk dat een dergelijk wondermiddel in de nabije toekomst gevonden zal worden.
  • zelfs al zou zo'n wondermiddel gevonden kunnen worden, dan nog zou het niet snel beschikbaar komen en uitgebreid testen zou noodzakelijk zijn voordat de standaardbehandelingen in het voordeel van zo'n nieuw middel verlaten konden worden. Het zou jaren onderzoek vergen om ziekenhuizen en medische faculteiten er mee om te leren gaan. Artsen en onderzoekers zouden bepaald niet zonder werk komen te zitten door een dergelijke revolutie in behandeling. Als een nieuwe behandeling in een overschot aan kanker-specialisten zou resulteren, zouden minder AIO's (artsen in opleiding) deze opleiding gaan kiezen en enkele oncologen zouden voor een ander specialisme gaan kiezen.
  • een wijdverbreide keuze voor een kwakzalverkankerbehandeling zou in werkelijkheid de grootste bedreiging voor de promotors ervan zijn, omdat immers de concurrentie de prijs zou doen dalen.
Omdat de standaard geneeskunde hoofdzakelijk gebaseerd is op wetenschap en klare bewijsvoering, is de medische praktijk voortdurend aan het veranderen. Nieuwe behandelmethoden, procedures en wegen van onderzoek worden gecreŽerd naarmate onze kennis verder toeneemt. Telkens als een nieuwe behandeling wordt ontdekt, raakt een oudere behandelmethode in onbruik of wordt tenminste minder belangrijk. Vooruitgang maakt de gezondheidsindustrie sterker en is geen bedreiging ervan. Een halve eeuw geleden was TBC wijdverbreid en moeilijk behandelbaar, hele ziekenhuizen (sanatoria) waren er op ingericht de chronische gevallen te behandelen. Nadat antibiotica beschikbaar kwamen raakten de sanatoria leeg en TBC-specialisten waren nog maar zelden nodig.
De nieuwe TBC-medicamenten werden niet achergehouden om de impact die ze zouden hebben. In plaats daarvan werden de sanatoria getransformeerd voor nieuwe bestemmingen en de specialisten veranderden hun praktijk.

Men moet zich realiseren dat artsen, wetenschappelijke onderzoekers en leidinggevenden van farmaceutische industrieŽn ook mensen zijn die zelf familie en dierbaren hebben. Men moet aannemen dat veel van deze veronderstelde "samenzweerders" zelf met kanker in aanraking komen; of zij zelf of anders wel hun familie of vrienden. Het is toch moeilijk voor te stellen dat iemand zo hebberig en kortzichtig kan zijn zijn dierbaren of zichzelf te veroordelen tot een vroegtijdige dood aan kanker, ongeacht wat het mogelijke voordeel kan zijn.

 

Nieuwsbrief

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.

GERELATEERDE ARTIKELEN

NIEUWSBRIEF AAN- OF AFMELDEN

De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site. Vul uw e-mailadres in en meld u aan!
Uw e-mailadres: 
Aanmelden Afmelden