Chronologie van de kwestie-Sickesz28 mei 2001 | Jan Willem Nienhuys | Laatste wijziging: 16 jul 2010Hier vindt u min of meer chronologisch alle artikelen op de website en in het Nederlands Tijdschrift tegen de Kwakzalverij, alsmede enkele andere bronnen die betrekking hebben op de 'kwestie-Sickesz'.Mayta Sickesz Voor een ultrakorte biografie van mw. Sickesz zie elders.
Dit overzicht is op 2 april 2009 opgesteld (de datum bovenaan dit bericht is onjuist).
Belangrijke data in een notendop:
14 oktober 2000: presentatie van de Top-twintig Grootste Kwakzalvers van de Twintigste Eeuw.
29 december 2003: Dagvaarding VtdK door Sickesz.
4 augustus 2005: Vonnis van de rechtbank te Amsterdam: VtdK wint; Sickesz gaat in beroep.
31 mei 2007: Arrest van het Amsterdamse hof: VtdK verliest en gaat in cassatie.
Op zaterdag 14 oktober 2000 presenteerde de VtdK haar lijst van de Top-twintig grootste kwakzalvers van de twintigste eeuw. Bij deze gelegenheid werd er duidelijk bij gezegd wat de VtdK onder kwakzalverij verstaat, en meer in het bijzonder dat opzettelijk bedrog en kwade trouw veelal afwezig is en hoe dan ook vrijwel niet aan te tonen is. Zie: The never ending story Houtsmuller Op 29 november 2000 stuurde DAS Rechtsbijstand namens mw. Sickesz een boze brief naar de VtdK waarin deze werd gesommeerd om de naam Sickesz verder niet meer in verband met kwakzalverij te brengen. Mw. Sickesz hield aan en beklaagde zich op 14 maart 2001 tegen voorzitter Renckens over 'schending van geheimen' (zie NTtdK 114.3). Het betrof echter een tuchtzaak tegen haar uit 1975. Deze werd al beschreven door Renckens in zijn jaarrede van 2 oktober 1992 (afgedrukt in het Actieblad tegen de Kwakzalverij van mei 1993), met een verwijzing naar Medisch Contact 21-28 mei 1982, p. 632-634. Het is niet duidelijk waar Sickesz dit gelezen heeft. Het stond in elk geval in haar eigen biografietje in de persmap van de VtdK met bronvermelding en al. Korte tijd later (30 maart) werd hetzelfde incident nogmaals door Renckens genoemd in een artikel in Medisch Contact. In september 2001 publiceerde de Stichting Skepsis het boekje Genezen is het woord niet (een verbeterde versie van de persmap van 14 oktober 2000, verfraaid met vele foto's). Het K-woord werd daarin voorzichtigheidshalve vermeden behalve om uit te leggen waarom het niet gebruikt werd, namelijk vanwege bovenvermelde uitspraak in de zaak Houtsmuller. Personen die activiteiten bedreven gekenmerkt door de welbekende punten a-e van de VtdK werden met 'genezer' aangeduid, en de prominenten onder hen werden met 'notoir' betiteld.Eind juni 2003 bleek mw. Sickesz een advocaat te hebben ingeschakeld, mr. B.F. Eblé (een patiënt van haar), die de VtdK sommeerde Genezen is het woord niet uit de handel te nemen. De uitgever was en is echter de Stichting Skepsis, die niet is benaderd door Eblé. Dit verzoek was dus tot de verkeerde instantie gericht. Renckens adviseerde op 19 juli 2003 dat mw. Sickesz gewoon de hele voorraad zou kunnen opkopen, wat haar natuurlijk niet meer zou kosten dan een paar uur advocatenwerk. Overigens is er eigenlijk nooit inhoudelijk bezwaar gemaakt tegen de tekst in het boekje, alleen maar tegen de vermelding in één lijst tezamen met personen als Moerman en Jomanda (door Eblé met name genoemd) – ongeacht hoe die lijst verder wordt aangeduid. Zie ook het toen uitgegeven persbericht. Op 24 maart 2004 zond de advocaat van de VtdK, mr. S.N. Vlaar, zijn Conclusie van Antwoord naar de rechtbank. Onder meer legde hij verklaringen van vijf hoogleraren (internist, neuroloog, psychiater, orthopeed, longarts) over die betrekking hadden op allerlei zaken die zijn beweerd door de (advocaat van) Sickesz. Zie: Proces-Sickesz (II) (NTtdK 115.3, p. 12) Op of omstreeks 18 augustus 2004 had de advocaat van mw. Sickesz dan zijn antwoord klaar. Hij had een basisarts en een bioloog gevonden als tegenwicht tegen de vijf hoogleraren die de visie van de VtdK steunden. Ook zaten bij de stukken drie röntgenfoto's en een videoband waarop mw. Sickesz haar behandelmethode demonstreerde aan onder meer een medewerker van het kantoor van haar advocaat Bastiaan Eblé. Het Nederlands Tijdschrift tegen de Kwakzalverij toonde een advertentie waaruit bleek dat mw. Sickesz al in 1978 meende hooikoorts te kunnen genezen door aan de rug of nek te sjorren. Zie: Proces-Sickesz (IV): Opdringerigheid als methode. (NTtdK 116.1, p.9-11) In het juninummer 2005 van het NTtdK werd nog een detail van de stukken besproken, namelijk de manier waarop mw. Sickesz drie anorexiapatiëntes had behandeld bij wijze van proef, nadat ze zich had opgedrongen aan de anorexiapatiëntenvereniging. Op 23 mei 2005 worden alle websitelezers attent gemaakt op de zitting van 2 juni 2005. Dan komt op 4 augustus 2005 het persbericht: Het NTtdK geeft een uitvoerig verslag van de zitting en bespreekt de uitspraak in detail. In het geschil spelen twee zaken: een burger en dus ook mw. Sickesz mag niet lichtvaardig aan verdachtmakingen worden blootgesteld, maar evenmin mag het publiek worden blootgesteld aan misstanden. De vraag is, aldus het vonnis in punt 5.2, of het belang van Sickesz een toegestane beperking is van Renckens' recht op vrije meningsuiting zoals aangegeven in artikel 10, tweede lid van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (lid 2 noemt 'de bescherming van de goede naam of de rechten van anderen' als een van de beperkingen waaraan vrije meningsuiting onderhevig is). Uiteindelijk weegt het recht op vrije meningsuiting in dit geval het zwaarst. Wat betreft het gebruik van woorden als kwakzalver of (notoir) genezer, die zijn inderdaad erg negatief, maar het kan de VtdK niet worden toegerekend als het publiek of de krant de nuance – namelijk niet noodzakelijk kwade trouw – niet oppikt die de VtdK eraan geeft. De VtdK heeft er duidelijk genoeg op gehamerd. Zie: Een getuige à decharge (NTtdK 116.3) Mevrouw Sickesz gaf echter niet op en ging in hoger beroep. Ondertussen nam de voorzitter van de vereniging van orthomanuele artsen VAOMG, Hans Hanssen, afstand van de claims van hun erelid mw. Sickesz, door middel van een bericht in Medisch Contact op 30 september 2005, nadat dit blad bericht had over de uitslag van het proces. Eind december 2005 was nog niet bekend tegen welk onderdeel van het vonnis van 4 augustus 2005 nu eigenlijk bezwaar werd gemaakt. Renckens en het bestuur van de VtdK boden eindelijk aan om te komen kijken in de praktijk van mw. Sickesz, maar dan wel als ze zich ook bij de reguliere behandelaars van de bezichtigde patiënten op de hoogte konden stellen. NB. Het persbericht waarin de VAOMG zich van Sickesz distantieert is woordelijk gelijk aan de mededeling in Medisch Contact, maar is niet meer op de website van de NVOMG te vinden, maar nog wel in een internetarchief, en het luidde (althans op 17 juni 2007) “Persberichten Zie: Sickesz gaat in hoger beroep (NTtdK 117.1) Op 30 maart 2006 was het dan zover. Mr. Eblé zond zijn Memorie van Grieven naar het gerechtshof. Op het aanbod om eens te gaan kijken werd niets meer vernomen. Rond 18 mei 2006 diende de advocaat van de VtdK, mr. Vlaar, zijn Memorie van Antwoord in. Zie: Hoger beroep Sickesz dient op 3 april 2007 (NTtdK 118.1 p. 44) Zelfs tot na de zitting – die eigenlijk een herhaling van zetten was – betoonde het bestuur zich optimistisch. Dit is werkelijk een nekschot voor de VtdK. Immers, de meest bizarre kwakzalverij kan altijd bogen op stapels tevreden getuigschriften. En het recht op vrije meningsuiting dan, toch een belangrijk grondrecht, verankerd in het EVRM? Het gerechtshof noemt het niet eens, laat staan dat nauwkeurig beargumenteerd wordt waarom dit grondrecht terzijde kan worden geschoven als ware het een quantité négligeable. Van nu af mag de VtdK en iedereen anders ook de term kwakzalver hooguit gebruiken in geval de betrokkene door de strafrechter veroordeeld is wegens oplichting (art. 326 Wetboek van Strafrecht). Niet alleen de VtdK wordt hierdoor benadeeld. Immers, iedereen die iets zegt waar een ander aanstoot aan zou kunnen nemen, kan op grond van dit arrest veroordeeld worden, want kennelijk is het recht op vrije meningsuiting zo flinterdun dat elke onderbouwing van welke mening dan ook over een publieke zaak weggevaagd wordt als een burger zich privé daardoor beledigd voelt. Binnenskamers mag je nog wel zeggen wat je denkt, maar wee je gebeente als die mening al dan niet verminkt ergens in druk verschijnt! De Vereniging startte onmiddellijk een inzamelingsactie om het geld voor de advertenties bij elkaar te brengen, want de kas was al vrijwel leeg door alle advocatenkosten. Zeker 22 kranten en dergelijke brachten berichten over de uitspraak. Zie: Restricties term kwakzalver nekschot voor Vereniging (niet alle links naar artikelen in de media werken nog). In deze bijdrage staan ook links naar zowel het vonnis van de rechtbank als het arrest van het hof. Een van de artikelen, dat op 6 juni in De Telegraaf (zie naschrift bij Kamervragen over de affaire Sickesz (II)) bevatte de opmerkelijke mededeling dat mw. Sickesz op de zitting zelf iemand genezen zou hebben. Frits van Dam informeerde bij de auteur naar de oorsprong van deze observatie. Korte tijd later (14 juni) bracht de website een overzicht van nog een viertal publicaties. Twee ervan: Zie: Vereniging in cassatie tegen arrest Amsterdamse Hof In dezelfde aflevering van het Tijdschrift zette W.G. Klooster, emeritus hoogleraar taalkunde de beperktheid van definities uit woordenboeken uiteen. Al tamelijk vlug stelden Agnes Kant en Edith Schippers vragen over de affaire gesteld in de Tweede Kamer. De minister antwoordde Schippers op 25 juli 2007 en Kant op 3 september 2007. Zie: Sickesz in haar eigen woorden (NTtdK 118.3) Op 12 augustus 2007 meldde de website een artikel van prof. E.J. Dommering, die op basis van jurisprudentie uit 2006 over artikel 10 EVRM stelde dat het toegestaan zou moeten zijn om in een openbaar debat een gemotiveerd waardeoordeel te uiten. Op 20 september 2007 meldde de penningmeester dat het totaal aan giften de 50 mille gepasseerd is. In het Nederlands Tijdschrift tegen de Kwakzalverij filosofeerde Renckens dat je het de rechters misschien niet eens kwalijk kunt nemen, want als vooraanstaande medici en onderzoekers de niet-reguliere genezerij kennelijk serieus nemen, hoe zullen dan drie rechters die over een 'Handelszaak' (zie aanhef van het arrest) oordelen hier stelling in kunnen nemen? Genezen is gewoon handel, en als de ene medicus zegt dat de behandeling door een andere medicus geen nut heeft, is dat net zoiets als de ene jamfabrikant die in een advertentie zegt dat andermans jam vies is. Op 30 december 2007 publiceerde Hans van Maanen zijn jaarlijkse lijst van wetenschappelijke missers in de Volkskrant en hij zette het arrest-Sickesz bovenaan. Aan het begin van het nieuwe jaar 2008 schreef Prof. P.J. van Koppen er nog een column over in De Psycholoog getiteld 'Ik noem psychologen geen kwakzalvers' Hij adviseert de leden van het NIP: 'Dat arrest heeft vérstrekkende consequenties. Eén daarvan is dat als u ... een ondeugdelijke behandelmethode hanteert, ik u geen kwakzalver meer mag noemen. Maar als ik schrijf dat er geen validatieonderzoek is met controlegroepen, dan weet u wel wat ik bedoel.' In februari schreef Eric Rassin in Expertise en Recht een artikel hierover; Rassins artikel werd trouwens nog gevolgd door opmerkingen van twee anderen.
|
GERELATEERDE ARTIKELENNIEUWSBRIEF AAN- OF AFMELDEN
De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site. Vul uw e-mailadres in en meld u aan!
|