Kwakzalverij en kanker29 mei 2001 | C.N.M. Renckens | Laatste wijziging: 9 apr 2009Actieblad juli 1998, 109de jaargang nr. 3. Borst is het ook absoluut oneens met mensen, die vinden dat je begrip moet hebben voor alternatieve geneeskunst. 'Ik snap niets van een KNMG, die zegt: we hebben nu eenmaal collega's die alternatieve geneeskunst beoefenen en dat moeten wij respecteren want collega's val je niet af. Als mensen zich met niet-werkende geneeswijzen bezighouden en doen alsof ze wel werken, dan vind ik dat niet acceptabel, dat is volksverlakkerij.' De verslaggeefster constateerde dat Borst zich hier behoorlijk over opwond en deze gaf dat toe: 'Ja. Hoewel ik op veel gebieden redelijk mild ben geworden, ben ik hier vrij fel in, om niet te zeggen onverzoenlijk. Er is geen enkele basis voor verzoening met alternatieve geneeswijzen.' Later in het interview zegt Borst nog behartenswaardige woorden over de smalle grens tussen een rationele hypothese, die door een enthousiast onderzoeker te vuur en te zwaard wordt verdedigd en een 'overwaardig idee, dat trekken vertoont van een milde waan'. Als voorbeeld van dat laatste noemde hij de briljante Linus Pauling, die de grens der waanzin overtrok en in vitamine C de panacee voor al het lijden der mensheid ging zien. Met zijn kritiek op de KNMG had Borst het gelijk volledig aan zijn zijde. Op het laatste KNMG jaarcongres (nov. 1997) te Egmond stelde de vertrekkend hoofdredacteur van Medisch Contact Spreeuwenberg in zijn grote toespraak o.a.: 'Bona fide artsen zouden patiënten duidelijk moeten maken dat alternatieve geneeswijzen alternatief worden genoemd omdat hun werkzaamheid niet met voorhanden zijnde methoden kan worden aangetoond. Alternatieve geneeswijzen scoren hoog omdat ze vaak worden toegepast voor alledaagse klachten en daarvoor evenmin getoetste geneeswijzen bestaan. (....) Als reguliere artsen kunnen we het vertrouwen van de patiënten winnen door ze te laten merken dat we hun opvattingen en wensen serieus nemen, door realistisch te zijn over wat we wel en niet te bieden hebben, door tegenover de patiënt met respect over onze alternatieve geneeswijzen toepassende collegae te spreken en door onze eigen grenzen goed aan te geven en niet te verdoezelen door het gebruik van vage termen als "additionele" geneeswijzen.' Afschuwelijke woorden uit de mond van een man, die over andere onderwerpen vaak zulke verstandige dingen zegt. Want als een professionele discipline over een goed zelfreinigend vermogen wil beschikken, dan is deze meer gebaat met de onverzoenlijke houding van Borst dan met het respect van Spreeuwenberg. De gezondheidszorg is immers geen sociale werkplaats en de intellectuele intolerantie van de wetenschapper Borst is derhalve jegens de alternatieve artsen meer to the point dan die anachronistische gevoelens van ambtsbroederschap van KNMG-man Spreeuwenberg! NieuwsbriefDe Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site.
|
GERELATEERDE ARTIKELENNIEUWSBRIEF AAN- OF AFMELDEN
De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site. Vul uw e-mailadres in en meld u aan!
|