De illusie van genezingWaarom onwerkzame geneeswijzen toch lijken te helpen23 jun 2009 | Jan Willem Nienhuys | Laatste wijziging: 25 sep 2009Niet-reguliere genezers en hun klanten hebben vaak het idee dat ze echt genezen. Bij wetenschappelijk onderzoek blijft er niets over van wat zo overduidelijk waar leek in de dagelijkse praktijk. Hoe komt dat, of beter: waar komt die illusie van genezing vandaan? De jong overleden psycholoog Barry Beyerstein (1946-2007) schreef daar in 1997 een artikel over dat de inspiratie was voor het onderstaande.Barry Beyerstein (1946-2007) SamenvattingDe illusie van genezing door een niet-reguliere behandelwijze kan een aantal oorzaken hebben: Wie systematisch probeert al deze valkuilen van het denken te omzeilen, bedrijft wetenschap. Al deze punten worden in het volgende nader uitgewerkt. Nieuwsbrief
Natuurlijk verloopIn de eerste plaats is er wat ik hier maar het natuurlijk verloop van de ziekte noem. Verkoudheid gaat vanzelf over, en dat is bij meer ziekten het geval. Vele andere ziekten hebben een grillig en wisselend verloop. Eczeem en artritis staan daar om bekend, evenals multiple sclerose en andere ziekten van het zenuwstelsel die met verlammingen gepaard gaan. In vroeger tijden waren tuberculose en syfilis berucht om hun grilligheid, maar vrijwel elke ziekte heeft ups en downs. Diverse psychiatrische ziekten gaan in hevigheid op en neer. Het is meestal niet zo dat ziekten een spoorboekje volgen. Niet alleen is er veel variatie in de hevigheid van de aandoening bij één enkele patiënt, maar er zijn ook heel grote verschillen tussen de patiënten onderling. Bij de een kan het herstel vlug komen, bij de ander heel langzaam (Vermeulen en Van Gool). Het geval van de natuurkundige Stephen Hawking is beroemd: meestal gaan lijders aan zijn ziekte (ALS) tamelijk vlug dood (Mao Zedong twee jaar na de diagnose bijvoorbeeld), maar bij Hawking werd de diagnose al begin 1963 gesteld en hij leeft nog. Bij hem verloopt de aandoening veel trager. De bekende bioloog Stephen J. Gould ontdekte na een operatie aan een bepaalde vorm van kanker dat een gemiddelde patiënt met zijn ziekte nog maar acht maanden te leven had. Hij leefde echter nog 20 jaar en ging aan iets anders dood (zie het hierboven gelinkte artikel van Vermeulen en Van Gool). In sommige zeldzame gevallen kunnen ook zeer ernstige aandoeningen en zelfs kanker spontaan genezen. Dat is voor degene die het ervaart vanzelfsprekend een wonder, en alweer ligt het dan voor de hand om te denken dat de gevolgde therapie er iets mee te maken heeft. Iets vergelijkbaars zien we bij 'kinderziekten'. Het immuunsysteem van kinderen maakt in de eerste tien jaar van hun leven kennis met honderden soorten virussen en bacteriën. Daarom lopen ze als ze klein zijn vaak met de spreekwoordelijke snotneus rond, maar naarmate ze opgroeien leert het immuunsysteem er steeds meer bij en kan het steeds meer aan. Het kan in dit geval ook lijken alsof die verbetering het gevolg is van een permanente begeleiding van de een of andere genezer, maar het is gewoon de natuur die het werk doet. Placebo-effectHet zogeheten placebo-effect is een andere bron van illusies. In het recent verschenen Bad Science van Ben Goldacre is er een heel hoofdstuk aan gewijd. Op de een of andere manier kan de culturele entourage van een behandeling een flinke vermindering van pijn en andere subjectieve klachten veroorzaken, vaak zonder dat de onderliggende organische aandoening verandert. Het is niet eenvoudig om daar onderzoek naar te doen. Hoe het precies werkt, weet ook niemand. Het schijnt tamelijk belangrijk te zijn dat de ontvangers van het placebo erin geloven. Ook de kleur en zelfs de prijs van het product speelt een rol (het laatste zou een reden kunnen zijn om placebobehandelingen niet door de verzekering te laten betalen). Misschien zijn er meerdere mechanismen die een rol spelen, bijvoorbeeld het vrijkomen van endorfinen (pijnstillers die de hersenen zelf maken), of vermindering van stress. Stress is een soort permanente vlucht-of-vechttoestand, waarbij het immuunsysteem en andere systemen die gericht zijn op herstel op een laag pitje worden gezet. Nogmaals, we kunnen eigenlijk maar raden naar het achterliggende proces, maar dat een medicament of een foppil vaak een extra effect hebben dat zelfs boven de organische werking uitgaat, lijkt bijna wel zeker. Dus een verder onwerkzame behandeling die met enig theater gebracht wordt, kan de patiënt en de behandelaar de illusie van werkzaamheid geven. Bij proeven blijkt echter dat het effect onvoorspelbaar is. Een zieke die 'reageert' op een placebo, kan bij een volgende gelegenheid niet reageren of omgekeerd.
Omgekeerd placebo-effect
Het nocebo-effect is in veel vormen bekend. Zo denken studenten in de geneeskunde vaak dat ze aan een bepaalde kwaal lijden als ze daar net alle details van hebben moeten leren. Gebruikers van geneesmiddelen krijgen last van bijwerkingen als ze daarover gehoord of gelezen hebben. Onderzoekers kijken er ook niet van op als een patiënt bij een dubbelblinde proef vreselijk jeukende uitslag krijgt van een melksuikerpilletje. Bepaalde aandoeningen lijken erger en hardnekkiger te worden door toedoen van patiëntenverenigingen. Het is dan niet zo vreemd als de zieke zich minder beroerd gaat voelen door het psychologische effect van de behandeling. Dat is wat anders dan dat de organische ziekte verdwenen is. Een bijzonder funeste vorm van omgekeerd placebo-effect is wanneer de toestand van ziek zijn voordelen oplevert voor de zieke. Men wordt ontzien en verzorgd, en soms krijgt men zelfs een uitkering. Dat is de zogeheten ziektewinst. Die kan maken dat de subjectieve ziektegevoelens maar blijven voortduren. Een behandeling die dit patroon weet te doorbreken 'werkt' voornamelijk door suggestieve kracht, niet door het verhelpen van een organische afwijking of het instralen van energieën uit hogere dimensies. Reguliere behandelingEen belangrijke bron van de illusie van werkzaamheid van een niet-reguliere methode is dat de patiënt de niet-reguliere methode gebruikt naast de reguliere. Vaak wordt dan de genezing toegeschreven aan de niet-reguliere methode. Dat ondervond John Diamond toen die keelkanker had (waar hij uiteindelijk aan stierf). Hij was columnist in The Times en schreef daarin veel over zijn ziekte. Zijn ervaringen werden postuum gepubliceerd als Snake Oil, and other preoccupations (2001). Hij was tamelijk bekend en kreeg 30.000 brieven, waarvan er 5000 hem een alter Het is natuurlijk mogelijk dat iemand door de psychologische ondersteuning van zo'n niet-reguliere behandelwijze goede moed krijgt en dan ook beter meewerkt aan de reguliere behandeling. Veel is daar echter niet over bekend.
Verkeerde diagnoseTot nu toe ging het over de patiënt die echt beter wordt, al is het maar subjectief. Maar in veel gevallen wordt de patiënt niet beter, omdat die om te beginnen niet echt ziek was. Het kan zijn dat de therapeut met de een of andere fantasiemethode een ziekte vaststelt die er helemaal niet is, en die is uiteraard makkelijk te genezen. Dezelfde fantasiemethode kan namelijk 'vaststellen' dat de ziekte er niet meer is na de 'behandeling'. Dat kan trouwens ook gebeuren bij een werkelijk bestaande ziekte. In het geval van Millecam werden elektroacupunctuur en dergelijke gebruikt Zelfs serieuze artsen kunnen zich vergissen in de diagnose. Dat komt geregeld voor. Het geval Houtsmuller is een soort combinatie van beide: hij dacht dat hij uitgezaaide kanker had, maar hij liet het niet goed onderzoeken en het ging vanzelf over. Hij dacht daarna dat hij zich met zijn zelfbedachte dieet (zie afbeelding van het nog steeds verkrijgbare boek) genezen had, en duizenden doodzieke mensen hebben hun laatste geld en levensvreugde vergooid aan pogingen dat dieet te volgen. Bij wondergenezingen van kanker of hiv-besmetting moet er eerst uiterst betrouwbaar regulier zijn vastgesteld dat die ziekte er tevoren was. Geloof dat de ogen sluitIn de situatie dat iemand een dure en gecompliceerde niet-reguliere behandeling volgt die helemaal niet werkt, kan het zijn dat men domweg de ogen sluit voor de onwerkzaamheid, omdat men zichzelf niet kan toegeven onverstandig te zijn geweest. Wie ergens al veel energie en geld in heeft geïnvesteerd, heeft vaak grote moeite om zijn of haar verlies te nemen en te stoppen. Dit verschijnsel heet met een geleerd woord cognitieve dissonantie. Sommige psychiaters noemen het loochening. Er is een conflict tussen geloof en werkelijkheid en een normale reactie is dat men dan de werkelijkheid buitensluit. In dit verband is het belangrijk dat een dergelijk geloof in een therapie vaak diep wortelt in magisch en religieus geloof. Als men dan helemaal achteraf zegt fout gegokt te hebben, is ook dat een loochening van wat er gebeurd was, want er was natuurlijk geen weloverwogen afweging van bekende risico's geweest. Het is spreekwoordelijk dat geloof bergen kan verzetten, en dat geldt ook voor geloof in een of andere niet-reguliere geneeswijze. Men herinnert zich de dingen anders dan ze werkelijk waren. Dit geldt speciaal voor de behandelaars die maar al te gemakkelijk zich de successen herinneren en de tegenslagen vergeten. Een klassiek voorbeeld is de moermanarts (ik kwam er echt zo een tegen in een discussieprogramma) die uit het wegblijven van een patiënt concludeerde dat die wel genezen zou zijn en die kennelijk niet kon geloven dat eventuele nabestaanden hem niet op de hoogte hadden willen stellen. Een wetenschappelijk onderzoek van een behandelwijze is dan ook zo ingericht dat al deze types vooroordelen geen kans krijgen. De genezer tevreden stellen
Ons beperkte brein en zwart-wit denken
Niet genezen lotgenotenAl deze illusies dragen ertoe bij dat mensen geloven in de werkzaamheid van onwerkzame of zelfs schadelijke middelen en behandelingen. Sommigen, zoals Houtsmuller en de correspondenten van Diamond gaan zulk een geloof krachtig uitdragen. Iemand die de een of andere kwaal of klacht krijgt, zal vaak lotgenoten om raad vragen of ongevraagd zulke raad krijgen. Een dergelijk advies zal dan een aanbeveling zijn van een middel dat de andere zieke gebruikt. Omdat men langer ziek blijft bij gebruik van een niet-werkzame middel, dan in het geval van een effectief middel, zullen er meer positieve adviezen verspreid worden over onzinmiddelen. Bovendien schamen de meeste mensen zich als ze ontdekken dat ze zich hebben laten inpakken door kwakzalverij. 'Hoe heb ik toch zo stom kunnen zijn', denken ze dan. WetenschapHet hele idee van wetenschappelijk onderzoek van geneeswijzen is dat men al die foutenbronnen (natuurlijk verloop, placebo-effect en beperkingen van ons brein) zoveel mogelijk probeert uit te sluiten. Dat gebeurt door allerlei methoden. In de eerste plaats door het effect van een middel of behandeling bij meerdere zieken uit te proberen, voorts door altijd te zorgen voor goed vergelijkingsmateriaal, en door een veelheid van andere controles, want de wetenschap is allergisch voor tegenstrijdigheden. Een belangrijke controle is dat voorafgaande aan het onderzoek het al wetenschappelijk aannemelijk moet zijn dat de behandeling werkt. Andere controles zijn publicatie in een wetenschappelijk tijdschrift en herhaling van het onderzoek door onafhankelijke onderzoekers. Overigens let men bij wetenschappelijk onderzoek ook zo goed mogelijk op veiligheid, bijvoorbeeld op zeldzame ernstige bijwerkingen. Ook daar kan men op basis van één geval niets over zeggen. De individuele patiënt die met maar één kwaal en één behandelaar te maken heeft, kan natuurlijk niet tot wetenschappelijk betrouwbare conclusies komen. De individuele behandelaar die mogelijk wegens gebrekkige opleiding niet bekend is met het natuurlijk verloop of het placebo-effect en die niets doet om foute oordelen te vermijden kan dat evenmin. En zo komen de illusies van genezing in de wereld.
Barry L. Beyerstein, Why Bogus Therapies Seem to Work. Skeptical Inquirer, Vol. 25 No. 5 September/October 1997, p. 29-34.
|
GERELATEERDE ARTIKELENNIEUWSBRIEF AAN- OF AFMELDEN
De Digitale Nieuwsbrief van de VtdK houdt u regelmatig op de hoogte van nieuwe artikelen op deze site. Vul uw e-mailadres in en meld u aan!
|